Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

Pile startte als het soloproject van Rick Maguire aan het einde van de 2000s. Hij bracht het akoestische Demonstration uit en begon met het opbouwen van een band. Met de release van Magic Isn’t Real in 2010 was de formatie compleet en maakte Pile naam met een combinatie van donkere folk, post-hardcore en atonale noiserock. We vertellen je meer over de band in deze laatste feature over de acts van Indiestadt Festival, dat aanstaande donderdag 19 september plaatsvindt.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook StarsPeaking LightsThe Stroppies, Penelope Isles, Spiral StairsCassiaAlgiers en The Blinders zien.

Met nieuwste en tevens zevende album Green And Gray bewijst Pile nog niets aan ambitie verloren te hebben. De rauwe noiserock afgewisseld met intieme nummers klinkt nog steeds net zo passievol en Green And Gray is dan ook niet voor niets door Pitchfork bekroond is met een dikke 7,9.

Ondanks dat Pile altijd bekend heeft gestaan als een ‘Bosto-band’ is nu toch definitief besloten om naar Nashville te verhuizen. Het begin van een nieuw tijdperk voor de band, en ook een hevige inspiratie voor het nieuwe album, maar nog even wennen voor de enorm enthousiaste en loyale fanbase. Pile is een van die bands, maakt niet uit waar in de Verenigde Staten ze staan; er is altijd op zijn minst één iemand die elk woord mee kan schreeuwen. Vaak worden ze een ‘band’s band’ genoemd, vanwege de vele muzikanten die ook trouw fan zijn. Pile inspireerde de band Krill zelfs zo erg dat ze besloten een concept EP genaamd Steve Hears Pile In Malden And Bursts Into Tears uit te brengen. Het gaat over een personage dat zich depressief voelt, omdat hij weet dat zijn band nooit zo goed gaat zijn als Pile.

Wat Pile dan zo speciaal maakt? De drijvende creatieve kracht is frontman Maguire, die er heel wat eigenzinnige ideeën op nahoudt. Een vers-refreinstructuur zul je niet zo snel tegenkomen in een nummer van Pile. Dissonantie en rare timings daarentegen wel. Soms is het kwetsbaar en zacht. Andere keren is het luid en vervormd. Als songwriter weet Maguire weg te komen met een relatie tussen een mens en een aap als metafoor voor relatieproblemen en angst voor intimiteit op een verrassend kwetsbare manier.

Maguire legt zijn ziel graag bloot in een poging om zich te verbinden met zijn publiek. Green And Gray is een poging om daar nog directer in te zijn en nog eerlijker te zijn over de dingen die hij voelt. Het was ook het eerste album waarbij Maguire de complete vrijheid had om te schrijven. Na jaren hoefde hij voor het eerst geen werk naast de band meer te doen om zichzelf te onderhouden. Voorheen had hij altijd naar alcohol gegrepen om te schrijven, maar deze keer was er bewust voor gekozen daarvan af te zien en sober te werk te gaan. De frontman confronteert eerlijk zijn angsten, paniek en zijn neiging om zichzelf in kluizenaarschap te verliezen.

Nu, na twaalf jaar Pile, is Rick Maguire ook gegroeid en ouder geworden. Maar na al die tijd heeft de frontman vooral meer vragen gekregen over hoe hij interacteert met de dingen om zich heen en wat zijn plaats in de wereld is. Maguire is anno 2019 directer dan ooit.


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

De allerlaatste week van de zomer is aangebroken, maar why stop? In onze reisserie Ontdek Je Plekje nemen (gast)redacteurs je mee naar makkelijk te bereiken, onverwachte Europese steden waar je als muziek- en cultuurliefhebber volop aan je trekken komt. Na dit jaar in BrightonCluj-Napoca en Edinburgh te zijn geweest, gaan we er nog een keer op uit, en wel naar de Oekraïense hoofdstad Kiev.

Tekst en foto’s Theo van der Veer

Als er één Oost-Europees land veel in het nieuws is geweest de laatste jaren, dan is het Oekraïne wel. Om uiteenlopen redenen haalde het hier de kolommen van de dagbladen: de Oranje revolutie, de songfestivalwinst van Svetlana, de perikelen rondom de Krim en recentelijk nog de uitverkiezing van de komiek Volodymyr Zelensky tot president van de voormalige Sovjetstaat. Oekraïne is op z’n zachtst gezegd een bijzonder land, waar we weinig van weten. Veel minder dan dat we eigenlijk denken.

Denk je aan Kiev, dan denk je waarschijnlijk niet aan een bruisende, hippe en westerse stad. Niks is echter minder waar. Kiev (of Kyiv zoals ze zelf zeggen; Kiev is een ouderwetse Russische uitspraak, Oekraïners zullen gevleid zijn als je de stad op een Oekraïense manier noemt) is moderner dan je verwacht en een stad die binnen afzienbare tijd uit zou kunnen groeien tot misschien wel ‘het nieuwe’ Berlijn of Leipzig. Toegegeven, dit predicaat wordt tegenwoordig te pas en te onpas op steden geplakt waar iets broeit, toch is Kiev en stad met (culturele) potentie. Al loopt het er nog niet over van toeristen: van fotograferende Aziaten blijf je vooralsnog gevrijwaard.

Verdwalen
Om niet te verdwalen in Kiev – de stad bestrijkt per slot van rekening 836 km² en telt bijna drie miljoen inwoners – heb ik afgesproken met Alona Dmukhovska. Ik heb haar vorig jaar leren kennen tijdens een cultureel uitwisselingsproject, waarvoor ze toen in Nederland was. We ontmoeten elkaar bij het metrostation Arsenale, op zich al een belevenis. Station Arsenalna (vernoemd Arsenal Factory, is een van de oudste en meest beroemde industriële fabrieken) ligt ruim 100 meter onder de oppervlakte en is daarmee het diepste metrostation ter wereld. Vanaf daar is het tien minuten lopen naar de Wake CUP Bar (Ivan Mazepa Str. 18/29) een hippe bar onder de grond waar je we gaan dineren. De kaart telt talloze vegetarische en veganistische gerechten. Maar je kunt er ook terecht voor een goed ontbijt, lunch, maar het is ook een prima werkplek, met goede koffie!

National Museum of the History of Ukraine
Vanuit daar maken we een wandeling naar het National Museum of the History of Ukraine in the Second World War (Lavrska Str. 24), een park dat even buiten het centrum ligt. Vanaf hier heb een prachtig uitzicht over de oostkant van de stad, en de rivier de Dnipro, die de Kiev in tweeën deelt. Ook het park zelf is een adembenemende verzameling van visuele hoogstandjes. Het is aangelegd tijdens het Sovjetregime en het park staat dan ook vol met megalomane Sovjet-standbeeelden. Indrukwekkend, voor wie een fascinatie heeft Oost-Europese architectuur, zoals ondergetekende (die wat dat betreft in Kiev goed aan zijn trekken komt). Helden en gevallenen worden hier groots geëerd. Of beter gezegd werden: de hedendaagse, jonge inwoners van Kiev hebben niet veel op met de toenmalige Sovjet-Unie. Het Motherland Monument van ruim honderd meter, dt trouwens zeer prominent aanwezig in een clip van Frightened Rabbit, is gebouwd ter verheerlijking van de toenmalige ‘Unie van Socialistische Sovjet Republieken’.

Majdan Nezalezjnosti
Na een wandeling langs overheidsgebouwen en de ambtswoning van de recentelijk verkozen president, belanden we op het Onafhankelijkheidsplein (Majdan Nezalezjnosti). Wereldberoemd geworden als strijdtoneel van de Oranjerevolutie (2004-2005) en Euromaidan (de Revolutie van de Waardigheid): protesten en politieke manifestaties waarbij tientallen doden vielen te betreuren. De gevallenen worden middels portretten op indrukwekkende wijze herdacht.

En hoe wrang ook, door de recente geschiedenis is het plein tevens de grootste toeristische trekpleister en kloppend hart van de stad. Het is nog opvallend druk op de late avond, maar het is dan ook nog altijd ruim 25 graden. De zomers in Oekraïne zijn erg warm: dagen van rond de 30 graden zijn geen uitzondering (maar een onverwachte wolkbreuk al evenmin). We vinden enigszins verkoeling wanneer we de het metrostation inlopen, hier neem ik afscheid van Alona. Op steenworp afstand van het Majdan Nezalezjnosti is Cuba Coffee (Tarasa Shevchenkalaan 2) gevestigd, hier schenken ze misschien we de beste koffie van Kiev.

Majdan Nezalezjnosti

Koфeepия
De volgende dag bezoek ik Podil, een van de hipste wijken van de stad en tevens een van de oudste. Podil is het culturele hart van Kiev. Daarnaast kun je hier prima eten en zijn er zijn tal van leuke koffietentjes, waar veel opgeklapte laptops opvallen en zeer goede (en sterke) koffie geschonken wordt. Mijn favoriet is koffietent Koфeepия (Mezhyhirska Str. 7), wat zoiets betekent als ‘lekkere koffie waar je blij van wordt’. Een klein schattig zaakje, waar vintage meubilair de boventoon voert. Al weet je in Oost-Europa nooit of dit de bedoeling is, of dat het interieur al die jaren onaangeroerd is gebleven. De koffie is er voortreffelijk en niet duur. Op een goede tweede plaats gevolgd door Hum:Hum (Mezhyhirska Str. 13/34), zelfde recept: goede koffie, maar ook een prima vegetarische kaart.

Want voor een goede vegetarische (en zelfs een veganistische) maaltijd kun je in Podil te kust en te keur terecht. Een goed voorbeeld hiervan is KOLO (Illinska Str, 20). Een klein restaurantje, op steenworp afstand van de Dnipro, waar een goede vegetarische maaltijd geserveerd wordt. Minstens zo lekker kun je eten bij MOMO (Petra Sahaidachnoho Str. 24), gelegen aan het Kontraktova plein, in het kloppende hart van Podil. Een hip restaurant dat van buitenaf de uitstraling heeft van een fastfoodrestaurant en dat in zeker zin ook wel is, alleen staat de kaart hier vol met biologische, vegetarische en veganistische lekkernijen. Zoals smoothies en drankjes maar ook gerechten die je zelf samenstelt. Dit alles voor een zeer schappelijke prijs. Dit in tegenstelling tot in ons land, waar verantwoord eten en drinken synoniem zijn voor hoge prijzen.

MOMO

Closer
In zo’n hippe stad zal het ook wel goed zitten met het muzikale landschap, zou je zeggen, maar de muziekscene van Kiev is niet gecentraliseerd. Desondanks zijn er genoeg podia om leuke concerten te bezoeken. Kunst en cultuur was sowieso geen ondergeschoven kindje in de Sovjettijd en daar plukt (op het gebied van vastgoed) Oekraïne nog altijd de vruchten van. Er zijn talloze theaters en musea (wat te denken van het Jellyfish Museum, serieus!) in de stad, én er zijn een paar hele interessante poppodia.

Yurkovytsya

Een van die podia is Closer (Nyzhnoiurkivska Str. 31), bekend om zijn dance- en techno-avonden, maar er treden ook regelmatig bands op. De club zelf ligt achteraf, in gebied dat Yurkovytsya heet. Closer is een wereldberoemd podium waarvoor zelf The Guardian en The New York Times vleiende woorden over hadden. DJs als Richie Hawtin, Helena Hauff en Moodyman zijn hier kind aan huis. Maar er wordt breder geprogrammeerd: op de (doordeweekse)avond dat ik er ben, treedt het lokale DZ’OB op, een zevenkoppig orkest met strijkers, een drummer en een DJ. De prijzen bij Closer liggen aanzienlijk hoger dan elders in de stad en de ervaringen met betrekking tot gastvrijheid schijnen nogal wisselend te zijn. Ik heb hier in elk geval een prima avond gehad.

DZ’OB

Muziek op Trykhaniv Island
Een andere locatie waar zomers met regelmaat festivals en concerten plaats vinden is Южный Берег Киева (wat zoiets als ‘Zuidkust Kiev’ betekent). Een prachtige strandtent (inclusief zandstrand) met podium op het eiland Trykhaniv island, gelegen aan de Dnipro. Overdag ook een prima plek om te vertoeven. Om hier te komen kun je vanuit het centrum het best de voetgangersbrug Parkovy Pedestrian Bridge over de rivier nemen. Op de avond dat ik Trykhaniv island bezoek, treedt Lucas Bird er op, een jonge hipster van nog geen twintig jaar. Южный Берег Киева is een plek waar je ziet en gezien mag worden. Het publiek is jong (mid twintig) en westers uitgedost.

Na het optreden spreek ik kort met Bird, ik vraag hem hoe populair hij is in Kiev. Hij kan nog moeiteloos over straat kan lopen, ‘zonder herkend te worden’, antwoordt hij serieus. Maar een doorbraak, binnen maar ook buiten Oekraïne hoeft niet lang op zich te laten wachten. Zijn blik is vooral gericht op het  westen. “In Kiev is geen popscene, iedereen werkt op z’n eigen een eilandje”, legt hij uit. Naast het westen zou hij ook graag oostwaarts trekken. “Naar Japan”, vertelt hij enthousiast. “Na Oekraïne worden mijn liedjes daar het meest gedraaid.” Het is niet voor het eerst dat ik hoor dat er geen samenhangende muziekscene is in Kiev. Dat is jammer, want hierdoor zijn artiesten veelal op zichzelf aangewezen, of op Music Export Ukraine, de organisatie waarvoor ook Alona werkt.

Lucas Bird

Scenevorming kun je ook niet creëren, het moet ontstaan. Potentie in Kiev is er genoeg, zoals de afgelopen jaren ook al te zien was op Eurosonic. Daarnaast is het een heel interessante stad, die mijn hart heeft gestolen. Het leven is goedkoop en je kunt er goed overnachten. Reizen doe je het beste met de metro: voor nog geen 10 cent koop je al een muntje voor een ritje, zonder zones. Het is een stad waar historie en vooruitgang hand in hand lopen en een aanrader voor iedereen die niet achter in de rij van toeristen wil aansluiten, maar wel het nodige wil zien.

Hoe kom je er?
Voor mensen met vliegschaamte is Kiev op zich goed te bereiken met de auto, hoewel de wegen na Warschau niet van de kwaliteit zijn als wat wij hier in het westen gewenst zijn. Daarnaast is de douane een uitdaging en niet slechts een horde. Vliegen een betere optie. Dat kan dagelijks vanaf Schiphol en daarnaast met regelmaat vanaf Rotterdam en Eindhoven.

Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

Het is net geen Londen, maar op een hoop gebieden overtreft Brighton zijn grotere en iets noordelijker gelegen broer. Lees onze Ontdek Je Plekje van onlangs er maar op na! Op het gebied van bands is het haast bizar te noemen hoeveel retegoede bands er uit het kustplaatsje komen. Een van de voorlopers zijn de melodieuze psychedelische kleurenmengers van Penelope Isles.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook StarsPeaking LightsThe Stroppies, Spiral Stairs, PileCassiaAlgiers en The Blinders zien.

Op 19 september maakt de band zijn intrede in Paradiso en dat is niet eens de eerste keer dit jaar, ook op de laatste editie van London Calling stonden broer en zus Jack en Lily Wolter geprogrammeerd, samen met hun twee vrienden die de band completeren. Al tijden schrijven we over het talent van Penelope Isles en de potentie die de vier laten horen, nu zitten we in het moment dat de verwachtingen ingelost moeten gaan worden.

Dromerig verslavend
En dat doet Penelope Isles als geen ander. Overal waar de band zijn gezicht laat zien worden mensen meegesleept in het verhaal en de muziek van het viertal. Sinds het verschijnen van debuutalbum Until The Tide Creeps In via Bella Union, dat onder meer het werk van acts als Father John Misty en Beach House uitbrengt, is de grote sprong voorwaarts gemaakt. De band speelt zich een slag in de rondte om zieltjes te winnen, deed showcasefestivals als Eurosonic en SXSW aan en verzorgde de support voor acts als British Sea Power en Lost Horizons. Van het podium schallen liedjes als Chlorine, een dromerig en verslavend liedje dat je zelf maar eens moet luisteren om te weten waar we het over hebben.

Snaarstrakke set
Ondertussen loopt de internationale muziekpers weg met de band, zo schreef DIY Mag: ‘Until The Tide Creeps In is a record totally out of step with any modern music scene, and all the more timeless and special for it’ en schreef AllMusic een poëtische review met: ‘Due to its songwriters writing separately, common tendencies, artful execution, and a melancholy dreaminess tie it all together, like a novel that’s consistently compelling as it moves through multiple perspectives.’

Het leuke van Penelope Isles is het feit dat de band in een periode zit waar je de vier elke keer ziet groeien. Zo schrijven wij afgelopen maart dat ‘2019 weleens het jaar van Penelope Isles zou kunnen worden’, ondertussen laat de band niets aan het toeval over. Zo lieten wij begin augustus een livesessie van de band in Muziekgieterij in première gaan, waarin je precies ziet en hoort wat het vele spelen de band heeft opgeleverd. Namelijk: een snaarstrakke set waar geen speld tussen te krijgen is.

Op de plaat hoor je de band de kleuren in zijn sound ontdekken en experimenteren met structuren, akkoorden, toon en verschillende technieken. Penelope Isles is spannend, een band die nog volledge elastisch is en waar de wereld open voor ligt. Eerst laten de Engelsen hun banieren nog eens zakken aan de gevel van Paradiso, waar de band in de Amsterdamse popzaal je gaat laten laat zien waarom je niet om ze heen kan.


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

Le Guess Who?
7 t/m 10 november, Utrecht

Begin november staat Le Guess Who? met een de-rest-van-ons-leven-blokkerende grote, rode cirkel in onze agenda. Daarom beginnen we nu al met het aftellen naar het Utrechtse festival, door elke twee weken de deksel van de schatkist te openen en een act op de snijtafel te leggen.

Het is alsof je een tunnel door de aarde probeert te graven als je in de programmering van Le Guess Who? duikt. Via de hel en het louterende vagevuur beland je al klikkend zomaar in het paradijs. Tijdens het doorspitten van het gecureerde programma van avantgarde-componist Patrick Higgins, stuitte ik naast Holly Herndon, Lightning Bolt, Mariel Roberts, Stine Jarvin en Leila Bordreuil, opeens op LEYA, een project dat mij aantrok door een mysterieuze foto waar een duo over een harp is gedrapeerd.

Ik kende deze act nog niet en misschien jij ook niet, maar mijn mond viel open toen ik de video bekeek van het nummer Sister. Bekijk het hieronder en ga met ons mee door de werelden van LEYA. Van bijzondere samenwerkingen tot de soundtrack van een kunstzinnige pornofilm: via deze band kom je op plekken waar je nog nooit bent geweest.


Weerklank
Waarom deze muziek mij ontzettend raakt – ik weet het eigenlijk niet. Het lijkt alsof bepaalde muzikanten een bepaalde trilling in hun muziek hebben, een weerklank die resoneert met je gevoel. Als zoiets bij mij gebeurt, ben ik direct van slag. Het overkomt mij namelijk niet zo vaak, maar ik laat alles uit mijn handen vallen, veeg alles van mijn bureau af en ik ga er achterover op liggen met het speakervolume vol open.

Het eerste wat opvalt is de zachte viool van Adam Markiewicz die om de harp van Marilu Donovan zweeft. Een harp die de meeste aandacht trekt, aangezien het klinkt alsof ‘ie eerste drie keer van een New Yorkse brandtrap naar beneden is gegooid. Tel daar de haast Gregoriaanse zang van de twee bij op en er kruipt iets uit je speakers dat je nog nooit hebt gehoord. Ergens tussen lang vervlogen klanken uit middeleeuwen en het ruimtegruis van de kosmos.

Donovan en Markiewicz zijn gevestigd in New York, de eerste kun je eventueel herkennen van Eartheater en Julie Byrne, de tweede van PC Worship of The Dreebs. Het doel van de band is naar eigen zeggen om de traditionele gedachtes bij de harp en de viool de deur uit te doen en de schoonheid en de lelijkheid van de instrumenten in een haarscherp contrast te zetten. Wie had ooit gedacht dat een harp, een viool en twee stemmen als de ondergang van de wereld konden klinken?

Met ongebruikelijke stemmingen, rafelige zang, experimentele versterking en effecten, weten de twee een spookachtige schimmenwereld op te roepen. Op de plaat krijgt het duo nog de hulp van Sunk Heaven, Earheater en PC Worship. De langzaam openklappende composities van LEYA neigen naar ambient, door de griezelige dissonantie en engelachtige transcendentie. Als de angst en vreugde van een openbaring. Zelf heb ik een enorm zwak voor de Matteüspassie, waar ik tot tranen geroerd ben door het lijdensverhaal van Jezus. Ergens, ergens ver weg ervaar ik hetzelfde gevoel bij LEYA. Een door de geesten ingefluisterd verhaal dat de spirituele kern van de mensheid raakt.


Kunstzinnige porno
Maar het ding is, dus: LEYA heeft de soundtrack van een waanzinnig kunstzinnige pornofilm geproduceerd. De muziek is nergens los te beluisteren, maar is alleen onder de film gemonteerd. De veertig minuten durende film is niet alleen te bekijken op PornHub, maar is zelfs geproduceerd door de grotemensenwebsite. Ik zou zeggen: doe er je voordeel mee.

Nou nemen wij onze research serieus bij The Daily Indie, dus ik kan je vertellen dat het serieus een mooie film is en dat de muziek er prachtig in is verweven. En nu zeg je waarschijnlijk: ‘Ja, en de Playboy publiceert goede interviews.’ Maar echt. Toegegeven: het is nogal een surreëel plaatje om een violist en een harpist aan weerszijden van een glijdende, kletsende en soppende paartjes en she-males te zien zitten, maar het werkt wel.


WEBSITE LE GUESS WHO? | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

Een van de mede-oprichters van Pavement, Scott Kannberg, is in muziekland beter bekend als Spiral Stairs. Kannberg groeide op in Stockton, Californië, waar hij die band in 1989 oprichtte. Dat was het begin van een stevige en op zijn zachtst gezegd dynamische, muzikale carrière.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook StarsPeaking LightsThe Stroppies, Penelope Isles, Pile, CassiaAlgiers en The Blinders zien.

De indierockband wordt door sommige critici de beste indie-band van de jaren negentig genoemd, niet in de laatste plaats omdat ze altijd trouw bleven aan kleinere labels en niet met majors in zee gingen. Pavement verwierf een flinke cult following en tourde de wereld rond. Na tien jaar ging Pavement uiteindelijk in 1999 uit elkaar.

Korte adempauze
Dat was natuurlijk niet het einde van Kannberg’s muzikale carrière: hij richtte nog datzelfde jaar het overigens wat minder enthousiast ontvangen Preston School of Industry op. In 2004 viel die band weer uit elkaar. Spiral Stairs, die inmiddels gewoon met ‘Spiral’ wordt aangesproken alsof hij nooit een andere voornaam gehad heeft, nam een korte adempauze en verhuisde naar Mexico. Vanaf daar presenteerde zijn eerste solo-album in 2009. Maar Spiral zou Spiral niet zijn als de boel niet volgens plan verliep, dus na een jaar moest zijn soloproject alweer de ijskast in omdat Pavement een grote comeback-tour deed. Pas in 2017 kwam de volgende plaat: Doris & the Daggers. Het was het wachten waard: door bijvoorbeeld Pitchfork werd het album geprezen als ‘het beste sinds Pavement’.

Late liefde voor Roxy Music
Dat smaakte naar meer: zo kwam 2019 We Wanna Be Hyp-No-Tyzed al uit. Op deze nieuwste plaat stouwt Spiral Stairs naar eigen zeggen: “de invloeden die de afgelopen jaren een beetje uit het oog verloren zijn, toen ik in mijn jeugd zo druk was om altrock te maken”, allemaal op een album. We Wanna Be Hyp-No-Tized is daarmee in feite een ode aan alle platen die de artiest in zijn jongere jaren niet wilde draaien. “Mijn vrienden draaiden al die platen. Ik was koppig, ik wist zelf zo goed hoe het moest en hoe muziek moest klinken. Dacht ik. Maar nu zet ik muziek op die ik toen expres negeerde en denk ik: hoe heb ik dit in godsnaam gemist!?”

Als je benieuwd bent over welke bands Kannberg het hier heeft, raden we je aan om titelsong Hyp-No-Tized op te zetten, dan vliegen de referenties je om de oren. De hervonden waardering voor Van Morrison en Roxy Music drijft uit je speakers. Lekker!


Ander puntje nog: Spiral Stairs klinkt een stuk minder nasaal dan in zijn Pavement-jaren. Daarmee is Hyp-No-Tized een prima track om op Indiestadt alvast mee te brullen. Fans van de Amerikaanse muzikant weten echter allang dat ook Pavement-liefhebbers niet worden vergeten: er duiken regelmatig klassiekers op in de setlist van de band. Spiral Stairs biedt daarmee voor elk wat wils en belooft de meest verstokte indierocker een onmisbare show te laten beleven!


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

Een zonovergoten calypso-geluid dat, zo beschreven de collega’s van Clash de muziek van Cassia: ‘Zelfs de meest sombere dagen transformeren in een feel good carnaval.’ De Engelsen combineren de positieve, exotische indiepop van bands als Cayucas en Vampire Weekend met de afrobeats van Fela Kuti en Ebo Taylor. Maar volgens de band is ook Paul Simon, die pionierswerk verrichtte met Graceland, een inspiratiebron. Met een crossover van pop en Afrikaanse muziek was hij een van de eerste de wereldmuziek onder de aandacht wist te brengen van een groot publiek.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook Stars, Peaking LightsThe Stroppies, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Algiers en The Blinders zien.

De Afrikaanse invloed bij Cassia is niet heel vreemd wanneer je bedenkt dat frontman de familie van Rob Ellis enkele jaren in Zambia heeft gewoond. Zijn vader en grootvader hebben in die tijd een platencollectie opgebouwd waarin ze het geluid van hun reizen documenteerde. Tijdens zijn tienerjaren begon Rob deze collecties in detail te verkennen. Daarnaast komt de zomerse twist in de band zijn muziek, naar eigen zeggen, voort uit een behoefte aan een constant zomergevoel en een missie om positiviteit te verspreiden. Cassia hoeft niet zonodig een een politieke boodschap te prediken, maar wil graag een vrolijk tegengeluid laten horen!

Het begin
De ontstaansgeschiedenis van de band vindt zijn oorsprong op de Fallibroome Academy, een kleine school voor middelbaar onderwijs in Macclesfield. Een slaperige industriestadje in het grauwe midden van Engeland, ruim dertig kilometer ten zuiden van Manchester. Later voegt drummer Jake zich bij de twee en Cassia is een feit. Met een levendige liveshow weten de drie al snel een fanatieke fanbase op te bouwen en het gaat los als BBC Introducing in 2016 het nummer 100 Times Over oppikt.

De doorbraak
Zelfs voor het lokale nieuwsblad The Macclesfield Express blijkt dit nieuws. Misschien ook wel niet heel verwonderlijk, eindelijk gebeurt er eens iets op cultureel gebied in Macclesfield. Niet voor niets roept The Times de stad in 2004 nog uit tot minst culturele stad van Engeland… Na Radio 1 volgen Radio X en wordt Cassia opgenomen in de rubriek ‘Now Hear This’ van The Independent. Ineens zijn de de drie Maxonians hot! Bij die ene draaibeurt blijft het uiteindelijk niet, de clip wordt meer dan zestigduizend keer bekeken, terwijl het nummer ruim twee miljoen keer gestreamd is op Spotify.

Het album
Na twee EP’s en een hand vol single’s komt op 5 april van dit jaar komt het langverwachte debuutalbum Replica eindelijk uit, via het onafhankelijke Londense platenlabel Distiller Records, dat onder meer werkt voor The Ninth Wave en The Ramona Flowers. Een plaat waaraan de band uiterst gedisciplineerd heeft gewerkt. Van acht uur ‘s ochtends tot in de vroege uurtjes: “Het was een geweldige en gekke ervaring tegelijkertijd, omdat we niet helemaal konden geloven dat we het deden, maar toen waren we er vrijwel elke dag, maandenlang. We vonden het gewoon leuk om daar binnen te zijn en alles samen te brengen”, liet frontman Ellis onlangs optekenen in een interview met de Britse media.

Live-improvisatie
In datzelfde interview verklaart de jonge muzikant dat het bandgeluid tot stand is gekomen door te improviseren in de studio: “Veel dingen kwamen samen door te jammen en de muziek ‘te laten gebeuren.’ Op die manier kwamen enkele de beste ideeën naar voren.” Ondanks dat, heeft Cassia nog steeds een heel duidelijk beeld van hoe hij het album wil laten klinken: als een samenhangend geheel, en dat lijkt gelukt. De plaat staat vol met potentiële hits en festival-anthems. Met de aanstekelijke singles Small Spaces en Replica als klinkende voorbeelden. De kleine hit-single 100 Times Over staat ook op het nieuwe album. Weliswaar in een nieuw en iets opzwepender jasje, daardoor misschien nog wel aanstekelijker dan het origineel.

Volgens Rob Adcock van BBC Introducing is Cassia een van de meest opwindende bands uit Manchester (en omstreken) van de laatste jaren. “Met zijn zelfverzekerde combinatie van zorgeloze lyriek, vrolijke melodieën en aanstekelijke riffs voelt 2019 als het jaar waarin Cassia eindelijk door zal breken als een van de slimste jonge bands van Engeland. Je kunt niet anders dan glimlachen als je naar de muziek luistert.” Daar sluiten we ons graag bij aan, en als we de berichten mogen geloven is Cassie een van de meest energieke livebands die op Indiestadt zal optreden.


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

De zomer is bijna voorbij, maar why stop? In onze reisserie Ontdek Je Plekje nemen (gast)redacteurs je mee naar makkelijk te bereiken, onverwachte Europese steden waar je als muziek- en cultuurliefhebber volop aan je trekken komt. Nadat we dit jaar Brighton en Cluj-Napoca aandeden, willen we je van harte aanraden om er in de nazomer nog eens op uit te gaan richting dit culturele pareltje: de Schotse hoofdstad Edinburgh.

Tekst & foto’s Jort van Meeteren en Iris Luimstra

Edinburgh, de hoofdstad en twee na grootste van Schotland, staat bij menigeen bekend als de geboorteplaats van J.K. Rowling’s Harry Potter-boekenreeks. Ook is het in augustus terrein van ’s werelds grootse kunstfestival: Edinburgh Festival Fringe. Maar Edinburgh biedt meer. Cultuur, historie, traditie, het is een stad die bomvol staat van de inspiratie en creativiteit. Vanuit Edinburgh is het ook vrij gemakkelijk om tochtjes te maken naar de Highlands. Bezoek de stad in de lente of net voor Edinburgh Fringe, want dan is het klimaat (en het toerisme, en dus de prijzen) op zijn best.

Bier en muziek aan Cowgate
In Old Town kan elke muziekliefhebber met name ’s avonds aan zijn trekken komen, en dan vooral aan Cowgate en omliggende straten. Een speciaalbiertje en pizza haal je bij Brewdog (143-145 Cowgate), een van de populairste brouwerijen van Schotland. Vervolgens vind je ofwel bij Sneaky Pete’s (73 Cowgate) ofwel bij Three Sisters (139 Cowgate) een band of performer die je prima de hele avond vermaakt. Mocht je het daar niet vinden, loop dan door richting het café Stramash, ook aan Cowgate (nummer 2017), of een van de livemuziek bars in Blair St, Grassmarket en omliggende straten. (IL)

Greyfriars Bobby’s Bar (30-34 Candlemaker Row)
Vernoemd naar Bobby, de beroemdste hond van Edinburgh, en een toffe locatie voor een goeie pint en een hartige snack. Deze pub is sfeervol ingericht in traditionele stijl, wat helaas betekent dat het allemaal ook wat aan de krappe kant is; als je veel spullen bij je hebt, is dit niet de ideale plek om neer te ploffen. Het jonge, vriendelijke personeel maakt echter veel goed. Ondanks de drukte die wij ervoeren bleven ze enthousiast en beleefd en ze vertellen je graag over gerechten waar wij wij als Hollanders minder bekend mee zijn. (JM)

Unknown Pleasures
Aan Canongate 110 zit Unknown Pleasures, een heel klein platenzaakje dat desalniettemin een aardig assortiment aan muziek heeft. Er wordt vooral gemikt op liefhebbers van vinyl, met een grote selectie jazzplaten en een heel gevarieerd aanbod aan pop- en rock alsmede new wave en punk. Het is er krap en bij meer dan vijf bezoekers kun je eigenlijk je kont niet keren, maar de sfeer is goed, er is een aardig aanbod aan merchandise en de prijzen zijn heel lekker. Wij kochten een tweedehands Spacemen 3-lp voor iets meer dan 15 euro en werden door de kassamedewerker gecomplimenteerd met deze goede aankoop. (JM)

Southern Cross Cafe (63A Cockburn St)
Een trip naar Edinburgh is niet compleet zonder een ontbijt met Schotse porridge en een dikke mok Yorkshire Tea met melk. Na een lange zoektocht door Old Town naar een café die porridge serveerde, kwamen we uiteindelijk uit bij dit café. Er was ruim plek buiten en binnen leek het ook erg gezellig. De serveersters waren vriendelijk en we werden snel geholpen. En de porridge was heerlijk. Zeker een aanrader als je een traditioneel ontbijt wilt eten. (IL)

Pie In The Sky (47 Cockburn St)
Als je op zoek bent naar authentieke popcultuur-tierelantijntjes of een nieuwe merchandise van culthelden moet je bij Pie In The Sky zijn. Een paar deuren naast Southern Cross Cafe vindt je deze winkel vol originele spullen. We konden ons hier uren vertoeven met al het moois wat deze winkel te bieden had. De winkel is niet heel groot maar wel lekker ruim opgezet. (IL)

Calton Hill
Voor een prachtig uitzicht op de stad, zijn omgeving en monumentale panden moet je op de Calton Hill zijn. Een imposant monument op het hoogste punt van de heuvel vormt een mooie plek om de stad rondom te bekijken. De National Monument of Scotland, uit 1829, is nooit afgemaakt door een gebrek aan geld, maar is alsnog een ode aan de oud-Griekse architectuur. De sfeer wordt gezet door lokale muzikanten die hun doedelzak bespelen en de mengelmoes van locals en toeristen op de heuvel.

Wij belandden er rond het einde van de middag met een fles Irn Bru (een soort Schotse Red Bull on speed) in de hand, terwijl er net een jongen aan kwam zetten met zijn doedelzak en hij ons voor even volledig in Schotse sferen onderdompelde. We klommen op het imposante monument en hadden vanaf daar een schitterend uitzicht over de stad en de heuvels aan de andere kant. Mocht je hetzelfde willen doen, let er dan op dat het best hoog is en het wat moeite kost om erop te klimmen. Maar is het absoluut waard.  (IL)

Princes Street Gardens
Princes Street is een van de drukstbezochte winkelstraten van de staat, maar de twee tuinen die eraan grenzen, de East en West Princes Street Gardens, zijn een oase van rust. Beide staan bekend als de mooiste parken van Edinburgh en zijn een bezoek waard. Ondergetekende raad aan om door de East Princes Street Gardens te lopen als je van Old naar New Town, of andersom, loopt. Mocht je dan nog in de stemming zijn om een attractie te bezoeken, dan is de Festival Wheel, een groot reuzenrad, een optie voor een mooi uitzicht over de stad. (IL)

Scottish National Gallery (The Mound)
Ben je dan toch in de buurt van de Gardens, dan begeef je je ook al in de buurt van de Scottish National Gallery. Het mooie aan dit museum is dat je over het algemeen gratis naar binnen mag, en voor noppes meesterwerken van oude Schotse meesters, Zuid-Europees Romantische kunst en zelfs een Van Gogh en Monet kan spotten. Kunstliefhebbers halen dus hun hart op bij dit museum. Let er wel even op welke ingang je bij dit museum binnengaat. Wij maakten namelijk eerst de fout om de verkeerde ingang naar de moderne kunst te nemen aan de voorkant en kwamen er pas een dag later achter dat er meerdere wegen naar Rome leidden. (IL)

Fopp (3-15 Rose St)
In een opvallend pand van rode bakstenen aan Rose Street vind je Fopp, waar de serieuze muziekliefhebber waarschijnlijk moeilijk voorbij zal kunnen lopen na het bekijken van etalages vol met prachtige merchandise. De traditionele grote namen zijn natuurlijk vertegenwoordigd, maar er hangen bijvoorbeeld ook t-shirts van The Residents en posters van Captain Beefheart.

Fopp is een keten van multimediazaken in het Verenigd Koninkrijk en verkoopt naast een gigantische hoeveelheid cd’s en lp’s ook alles dat met film te maken heeft. Het muzikale aanbod loopt uiteen van Brian Eno en The Brian Jonestown Massacre tot Wire en Frank Zappa. De rekken zijn overzichtelijk ingedeeld en het personeel is uiterst vriendelijk. Zij helpen je ook graag bij het vinden van toffe dingen. Zo schreven ze voor ons een post-it vol met andere interessante adresjes en raakten we aan de praat over de plaat van The Verve (A Storm In Heaven) die ik kocht.

Leuk om te zien is ook dat het aanbod erg verschilt van wat we in Nederland aantreffen in de platenzaken. In  ons kikkerlandje kom je bijvoorbeeld maar weinig Primal Scream en Jesus And Mary Chain tegen, waar ze in Edinburgh prominent in de etalage staan, Schotse iconen die ze zijn. Al met al is Fopp een niet te missen adres voor wie tijdens zijn trip nog wat mooie platen wil scoren. Het mist misschien de charme van de kleine indie-retailer, maar het voelt allerminst stijf en klinisch aan en er zit voor werkelijk iedereen wel wat tussen. (JM)

The Caley Sample Room (42-58 Angle Park Terrace)
Een aardig stukje buiten het centrum vind je The Caley Sample Room. Wij aten hier op een donkere, regenachtige avond en dat bleek de perfecte setting voor een diner in deze fraaie bar. In een van de zithoeken bij het raam ervaar je de Schotse sfeer zoals je die in films voor je ziet, terwijl de regen tegen de ramen slaat en de geur van haggis je neusgaten binnendringt. (JM)

Hoe kom je er?
De makkelijkste manier om naar Edinburgh te komen is per vliegtuig. Vanaf Schiphol vlieg je al vanaf een spotprijsje met EasyJet naar de stad. Vanaf het vliegtuig brengt een gloednieuwe tram van Edinburgh Trams je in ongeveer een half uur naar het centrum van de stad. Edinburgh biedt genoeg hostels en Airbnb’s waar je voor redelijk weinig geld kunt overnachten. Als je eentje kiest, let er dan op in welke wijk hij ligt. Het meest ideale is om iets in Old of New Town te boeken, zeker als je bezoek kort is. Het openbaar vervoer laat namelijk soms te wensen over.


Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

Indra Dunis en Aaron Coyes komen elkaar in 2006 tegen in San Francisco, waarna de vonk al snel oversprong. Toen het koppel later een vriend op wilde zoeken in Texas om samen met zijn band op SXSW te spelen, moesten ze een manier vinden om de reis te bekostigen. Dus besloten ze samen elektronisch popduo Peaking Lights te vormen en geld te verdienen door te touren.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook Stars, Cassia, The Stroppies, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Algiers en The Blinders zien.

Aan het einde van de tour werd debuutalbum Clearvoiant uitgebracht, wat het begin was van een alweer meer dan tien jaar lange muziekcarrière. Ondertussen zit het duo op zeven albums, twee kinderen en is thuisbasis Los Angeles ingeruild voor ons eigen Amsterdam.

Van stad naar stad
Na elkaar in San Francisco ontmoet te hebben, trokken Coyes en Dunis naar Wisconsin om betaalbaar te kunnen wonen in een huis met een studio. Na een paar jaar werd Wisconsin toch ingeruild voor metropool Los Angeles. Maar tegenwoordig vertoeft het echtpaar in Amsterdam. Uitgebreid touren zat er niet in met twee jonge kinderen, maar stoppen met muziek maken was eveneens geen optie. Dus werd de keuze gemaakt om te vertrekken naar de andere kant van de wereld, waar alles nét een tikje makkelijker te bereizen valt.

Die keuze werd ook zeker beïnvloed door de politieke ontwikkelingen in de Verenigde Staten van de afgelopen jaren. Coyes en Dunis voelden zich steeds meer vervreemden van hun thuisland. De sterk toenemende paranoïde op scholen vanwege school shootings, kidnappings en de alsmaar groeiende war machine waar je als belastingbetalende Amerikaan aan bij moet dragen. De maat was vol en Trump’s presidentschap was dan ook als de kers op de taart voor het duo.

Etherisch geheel
Peaking Lights werd in de beginjaren door zijn labels geschaard onder ‘indie’. Wie echter vijf minuten spendeert om het repertoire kort door te nemen, weet dat het veel verder gaat dan dat. Met psychedelische gitaarpartijen, gestoorde synths, een flinke dosis dub, hevige house, krautrock en disco-invloeden, is zowel een stomende club als een festivalpodium geen ongeschikte plek voor het duo. De dromerige vocalen van Dunis lijmen de boel aan elkaar tot een etherisch geheel, dat live vaak uitmondt tot bezwerende jams. Het geluid is experimenteel, divers, warm, en bovenal aangenaam met een flinke lik Californische attitude. Het is dan ook geen verrassing dat het aankomende album uitgebracht wordt op het label van Dekmantel (lees hier nog een review van de band zijn show tijdens Dekmantel Festival), wat keer op keer toonaangevende elektronische acts te pakken weet te krijgen.

Naast het maken van originele nummers, houdt Peaking Lights zich vooral bezig met produceren, DJ’en, hier en daar een willekeurig project en het remixen van andermans werk. Zo ook de remix van Kevin Morby’s Harlem River, die vorig jaar onze redactie ondersteboven zette met zijn mistige bizarriteit. Onder de naam Peaking Lights Acid Test treedt Coyes solo op met geremixte discodub-versies van Peaking Lights’ nummers en eigen werk. Hiermee stond hij al op ADE, de afterparty van Coachella, in de Salon Des Amateurs en op talloze underground-raves. Maar het duo heeft ook onder de naam Peaking Lights Family samen met dertien andere muzikanten, waaronder de bassist van Fela Kuti, een live discodub-optreden verzorgt tijdens een modeshow van Dior. Oh, en dit jaar hebben ze ook nog even de soundtrack verzorgt voor surffilm The Self Discovery For Social Survival. Niet zo maar je doorsnee suffe papa en mama, dus.


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

Le Guess Who?
7 t/m 10 november, Utrecht

Begin november staat Le Guess Who? met een de rest van ons leven blokkerende grote, rode cirkel in onze agenda. Daarom beginnen we nu al met het aftellen naar het Utrechtse festival, door elke twee weken de deksel van de schatkist te openen en een act op de snijtafel te leggen.

Vandaag zoomen we in op het programma van Kevin Martin AKA The Bug, die onder meer de duistere dub en spoken word van King Midas Sound naar Utrecht haalt, evenals de verwoestende industrial van Godflesh, en is er zelfs een wereldpremière van een samenwerking tussen Kevin Richard Martin (The Bug zelf) en de Japanse artiest Hatis Noit. Verder ook Jah Shaka, die een essentiële rol speelde in de Britse jaren-zeventig-dancehall- en dubscene en de muziek en ervaring van ZONAL featuring Moor Mother.

Wij duiken vandaag echter in een artiest die alleen al mateloos interesseert door de bandfoto: Earth. Een dronend duo dat de aardbol als een soort echokamer lijkt te gebruiken. Bijzonder groots en indrukwekkend, net als de geschiedenis van deze band, die je mond open zal doen vallen.


E

Earth bestaat uit Dylan Carlson en Adrienne Davies. Je zou het kunnen bestempelen als de grondlegger van minimalistische drone-metal. De band draaide meer dan dertig maal om de zon heen, werd opgericht in Olympia en vertrok al snel naar Seattle, waar het in de legendarische grunge-periode drie albums uitbracht via Sub Pop.

Met een waslijst aan oude leden is Carlson – ook wel de Ennio Morricone van de metal genoemd – de oprichter en degene die er altijd bij is geweest. Net zo indrukwekkend als de tattoos in zijn gezicht, is zijn heftige geschiedenis. Zijn heroïneverslaving, een veroordeling voor een overval en het overleven van een unieke vorm van Hepatitis B zijn slechts enkele voorvallen. Zo was hij niet alleen tijdelijk de huisgenoot van Kurt Cobain en maakten de twee weleens drone-collages, hij was eveneens degene die de shotgun kocht waar Cobain zelfmoord mee pleegde.

A

Als debuutalbum van de band verscheen in 1993 Earth 2, wat acht albums later uitmondde in Full Upon Her Burning Lips. Het idee van Earth vatte Carlson eerder al eens prachtig samen als: “I would hear riffs from bands that I liked, and I’d want them to keep playing that riff. I was always wondering what would happen if you just stuck on that one riff.” Met nummers die vaak tot tegen de tien minuten duren, en in het verleden ook nog weleens twintig, is dat behoorlijk gelukt.

Niet voor niets nam de band een aantal platen op in de woestijn: precies de mythische en spirituele plek die de sidderende muziek het best omschrijft. Die schuurt, is droog en de riffs zijn zwaar en lang, geïnspireerd op La Monte Young en Black Sabbath en te omschrijven als een traag muzikaal ademen. Na wat kleine stonerrock- en woestijnrock-uitstapjes is de band op zijn nieuwe album terug bij traag verbrandende muziek die de aarde laat smelten.

R

Reagerend op de nieuwe plaat, vertelt Carlson er het volgende over: “I wanted this to be a ‘sexy’ record, a record acknowledging the ‘witchy’ and ‘sensual’ aspects in the music. Sort of a witch’s garden kind of theme, with references to mind altering plants and animals that people have always held superstitious beliefs towards. A conjuror or root doctor’s herbarium of songs, as it were.”

Het geluid van het heelal dat langzaam tot leven komt. Langzaam, langzaam, mooi langzaam spelen. Muzikanten weten: dit is een stuk lastiger dan snel spelen. Carlson en Davies lijken door een gateway te gaan en een staat van bewustzijn binnen te treden die meer op meditatie lijkt. Mooi omschreven door de band zelf: ‘Where every guitar note and every strike on the drum kit carries the weight of the world.

T

Toen The Bug een lijstje artiesten in moest dienen, hoefde hij waarschijnlijk niet lang na te denken over het vragen van Earth, aangezien het duo een aantal jaren geleden samen een plaat maakte, The Bug vs Earth, dat twee jaar terug nog tijdens Le Guess Who? speelde.

Door Pitchfork omschreven als een ‘sonische claustrofobie’, is dit een curieuze mengelmoes van toch ijle, maar niet luchtige muziek. Mocht je trouwens nog meer projecten willen horen: Carlson houdt er met Drcarlsonalbion een soloproject op na dat je hier kunt beluisteren.

H

Het is tof om te horen dat Carlson en Davis na al die jaren nog steeds nieuwe werelden ontdekken en hun sound blijven perfectioneren. Alhoewel de band er tussen 1997 en 2005 tussenuit is geweest wegens ‘legal and drug problems‘, is Earth er zeker niet slechter op geworden, eerder innovatiever en kleurrijker met albums als The Bees Made Honey In The Lion’s Skull en Hex: Or Printing In The Infernal Method.

The Quietus omschreef het album laatst met de rake woorden: ‘Carlson’s guitars, clearly the focus, get to step back from the angular and the lugubrious. Instead, red-lipped riffs flutter over careful and precise percussion, evoking crimson dresses striding down gold corridors. And underneath it all – the star player – Adrienne Davis’s steady, world-eating thud has never sounded better.’


WEBSITE LE GUESS WHO? | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

Supergroepen kennen we allemaal wel. Eens in de zoveel tijd komen er weer een aantal bekende muzikanten samen om muziek te maken. De ene keer klinkt dat nergens naar en de andere keer weet het precies de kwaliteiten te bundelen. Nu is ‘bekend’ een relatief begrip en wil het feit dat de term supergroep regelmatig zeer losjes wordt gebruikt. Dat doen wij ook in deze feature, waarin we je vertellen waarom The Stroppies de moeite is om te checken op Indiestadt.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook Stars, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Algiers en The Blinders zien.

Melbournse soep
Laten we het eerst hebben over de reden waarom je deze band een supergroep zou kunnen noemen. Het is ontstaan uit leden van bekende acts uit het Australische DIY-circuit. Eén van de bandleden, Stephanie, komt uit de band Dick Diver. In 2016 schreven wij een feature over de zogeheten ‘kiwisound’ en hoe die vandaag de dag nog steeds zijn stempel drukt op de huidige indiemuziek. Dick Diver is precies zo’n band. De sound waar we het over hadden, ontstond eind jaren zeventig in Auckland, waar een levendige punkscene tot bloei kwam. De DIY-bandjes gingen ietsjes liever klinken en implementeerden popmelodieën die deden denken aan de Britse popinvasie van de zestiger jaren. Zijn plaat Melbourne, Florida behaalde relatief veel luisterbeurten op de grote streamingsdiensten.

Nog zo’n band uit het rauwe DIY-straat, The Stevens, bracht bandlid Angus Lord. NPR schreef over de track Chancer, en had er lovende woorden over. De band heeft volgens het medium het talent om vrolijk klinkende muziek en humor te combineren met zware thematiek. Het is muziek met popharmonieën en rammelende snaarinstrumenten.

De andere band waar Angus deel van uit maakt, is Boomgates, wat wordt omschreven als een ‘scratchy popkwartet’. Dat klinkt als een logische voorbode van de The Stroppies. Of, zoals de band het zelf mooi omschrijft: iets als een mix van Big Star, Camper van Beethoven, Towns van Sant, The Velvet Underground en waarschijnlijk nog wel wat andere ingrediënten. Over ingrediënten gesproken: het bijzondere aan de bands uit het Melbournse DIY-circuit is dat als je de samenstellingen langsgaat, je erachter komt dat veel van deze mensen in meerdere bands spelen. Het is één grote mengelmoes. En dat is wat The Stroppies is: een prachtige mengelmoes, noem het supergroep, van de Melbournse scene.

En nu we even bij Angus (of ‘Gus’) stilstaan, is het ook de moeite om zijn andere band te benoemen: Twerps. Het is een band die bovenstaande omschrijving ook zeer goed zou passen. Uncut noemde dit nog ‘de beste Australische band’ dankzij zijn zelfgetitelde EP uit 2008, Pitchfork gaf zijn laatste drie platen stuk voor stuk meer dan een zeven.

Een mooi, bindend, fun fact om deze passage mee af te sluiten, is het feit dat The Stevens, Dick Diver én Twerps allen een label delen: Chapter Music, een label dat bekend staat om goede Australische indiepop.

Aan de keukentafel
Maar laten we het nu hebben over dat eindproduct: The Stroppies. Het ontstaansverhaal van de band wordt uitgelegd door frontman Angus Lord aan het onlinemagazine Stack. Hoewel je door het bovenstaande stuk misschien zou verwachten dat de bandleden elkaar tegenkwamen en besloten een band op te richten, ging dat net iets anders. Lord vertelde hoe het idee voor The Stroppies ontstond toen hij zijn vrouw Claudia ontmoette tijdens zijn tour met de Twerps in Londen. De eerste nummers gaan over de dingen die hij met zijn partner deed toen ze net samen waren, en werden geschreven aan Lords keukentafel.

The Stroppies was dan ook weer één van Angus Lords zijprojecten. Hij ging er meer tijd in steken omdat het voor hem voelde als een plaats waar hij zijn ideeën echt de vrije loop kon laten. Gewoon, in een simpele thuisstudio set-up opnemen. Een drummer had de groep nog niet, dus drums werden zo uit het Casio-keyboard getrokken. De drummer kwam er uiteindelijk in de vorm van Rory Heane. De zelfgetitelde EP werd in de zitkamer in huize Lords opgenomen, geheel in DIY-stijl.

De laatste reden om deze Aussies te gaan checken op Indiestadt, is zijn nieuwste en tevens eerste LP: Whoosh. Het is een album dat volgens de frontman invloeden kent uit zijn leven: werk, relaties, cartoons en de laatste ruim zestig jaar aan gitaarmuziek: “Alles van Bill Fay tot Stephen Malkmus.” Alles dat wij daar aan toe willen voegen, is dat het rammelt, pakt en laat zien waarom Autralische DIY-bands spannend blijven.


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS

Indiestadt Festival
Donderdag 19 september

The Blinders timmert keihard aan de weg, maar wie zijn deze drie Britse jonge honden eigenlijk? “We’re pretty scruffy. It’s important to look good, but not f*cking try too hard, zei de band eens in een interview. Dat komt goed uit, want de band heeft een endorsement van Fred Perry op zak. Met die outfits zit het dus wel goed. Maar ook live valt er niets te klagen.

Wil je naar Indiestadt Festival? Koop dan een Indiestad-pas, dan wandel je zo naar binnen en kun je ook Stars, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Algiers en The Stroppies zien.

Op Eurosonic 2019 zette de band de VERA op stelten tot diep in de nacht en de BBC roemde The Blinders als ‘A Must See Band.’ Het drietal, bestaande uit zanger/gitarisr Thomas Haywood, bassist Charlie McGough en drumer Matt Neale verovert Europa alweer sinds 2014. Hoog tijd om dus eens wat dieper in hun muziek én achtergrond te duiken!

Factory Records
Van origine komt het drietal uit Doncaster, inmiddels is Manchester hun thuisbasis. Geen vreemde keus als je nagaat dat het beroemde Factory Records van Joy Division, Orchestral Manoeuvres in the Dark, Happy Mondays en James daarvandaan kwam. Dat label had stevige roots in de punkscene: een van de oprichters runde ook punklabel Rabid Records. Door de rijke geschiedenis van de stad én de grote invloed van die labels op de lokale scene is Manchester een perfecte voedingsbodem voor de schurende, bij vlagen hysterische punkrock van The Blinders.

De band haalt zijn inspiratie uit alle hoeken en gaten van de gruizige straten van Manchester, maar de jongens hun muzikale interesses zijn breed. Van Motörhead tot Ike & Tina Turner en van George Harrison tot Nick Cave & the Bad Seeds: als je goed luistert, vind je van alles terug in de gruizige herrie die de band zelf ‘punkadelic’ noemt.

Intiuïtief en snoeihard
Is het dan extreem origineel wat The Blinders doen? Nee. Is het ontzettend lekker? Zeker weten! Het drietal staat bekend om zijn explosieve performance. Vol overtuiging smijten de jongens hun stevig aanstekelijke psychedelische punkrock hun publiek in. Rauw, intuïtief en snoeihard raakt The Blinders je met een flinke snuf poëtisch gebrachte maatschappelijke kritiek, die ze naar eigen zeggen onder meer dankzij de liedjes van Bob Dylan onder woorden leerden brengen.

They’re gonna build a Berlin wall’, brult zanger Thomas in Brutus. Andere songs op debuutalbum Columbia laten de politieke overtuigingen van de jonge Britten raden: titels als Brave New World, L’État C’est Moi en Rat In A Cage laten weinig aan de verbeelding over. Daarmee is Columbia echter niet direct een oproep tot revolutie. Daarvoor is de muziek te gelaagd, het album te divers. The Blinders dwingen je met deze plaat echter wel zonder meer om stil te staan bij wat er in de wereld gebeurt.

Hard werkende band
Die debuutplaat werd met hetzelfde tempo gemaakt waar de energieke liveshows om bekend staan. In een maand waren de twaalf nummers opgenomen, in september 2018 werd Columbia uitgebracht en kort daarna begon er een tour die de band een reputatie als een van de ‘hardst werkende bands’ van dit moment zou opleveren. The Blinders speelde altijd, overal en ramden er tot half november 2018 pakweg tientallen shows doorheen. Die waren niet zelden van tevoren al stijf uitverkocht.

Er wordt ondertussen aan een tweede plaat gewerkt en met een beetje geluk krijg je tijdens Indiestadt een exclusief voorproefje van nieuw materiaal. Het wordt hoe dan ook een onvergetelijke show.


Donderdag 19 september in Paradiso, met Algiers, The Blinders, Cassia, Peaking Lights, Penelope Isles, Pile, Spiral Stairs, Stars en The Stroppies.

WEBSITE INDIESTADT | FACEBOOK-EVENT | TICKETS