Er heerst een woeste en onheilspellende wind vanuit het westen. Afkomstig uit Ierland om precies te zijn, waar er bloedstollende zaken plaatsvinden in de punkscene van hoofdstad Dublin. Het mysterie rondom het literaire Fontaines D.C. is inmiddels wel ontrafeld, dus het lijkt nu aan de moordlustige heren van The Murder Capital om zich langzaamaan te ontvouwen tot dé nieuwe postpunk-sensatie van de andere kant van de Noordzee. De nieuwe single Green & Blue voelt wederom als een overwonnen veldslag.

Het is niet voor niets dat wij de band in januari van dit jaar al met een rode letter aantekenden als grote ontdekking voor 2019. Na een indrukwekkende YouTube-sessie en eerste single deed de naam al zijn ronde in de liefhebbende kringen. Toen moest die veelbesproken Eurosonic-show zelfs nog gespeeld worden (die wij op voorhand al tipten). Het werd al gauw duidelijk waar deze band voor stond: rauwe en opgejaagde postpunk met een sterk misantropisch randje.

Met Green & Blue is er weer zes minuten nieuw geluid, waarop een meer melodische kant van de band wordt geïntroduceerd. Het tempo is verlaagd, maar het dreigingsniveau vermenigvuldigt. Frontman James McGovern houdt voor de verandering zijn longen intact en verkent in zijn teksten een soort tweedeling tussen licht en donker, leven en dood. De drums rammelen door en de gitaarpartijen walsen verder. De spanning is om te snijden. Een échte climax blijft uit, maar één ding is duidelijk: hier blijft het niet bij.

The Murder Capital doet op 30 juni Metropolis Festival in Rotterdam aan en speelt op 18 juli op Valkhof Festival in Nijmegen. 

De krautpunkers van Squid vielen afgelopen zomer al op door hun aanstekelijke single The Dial. Nu komt het vijftal op de proppen met een minstens zo aanstekelijke nieuwe song, met een opzwepende dosis postpunk en krautrock: Houseplants. 

Houseplants is de stevigst rockende single van de band tot nu toe en werkt met zijn urgente drumbeat als een oppepper van jewelste. Zanger/drummer Ollie Judge rapt daarin met uitzinnige zanglijnen cynisch over kamerplantjes. Dat is zijn manier om zijn frustraties te uiten over de zorgen van het volwassen worden richting een huisje-boompje-beestje bestaan. 

Het vijftal uit Brighton/Londen laat in de singles die het de afgelopen jaren uitbracht een stijlontwikkeling zien van ambient psychpop en kraut op Perfect Teeth (2016), LINO (2017) en Terrestrial Changeover Blues (2018) tot een mix daarvan met vleugjes jazz en een stevige portie postpunk. Die mix begint nu langzaamaan groot op te vallen. Inmiddels is de band een lieverdje van BBC Radio 6 en ziet het gezelschap een druk festival tegemoet, waarin het onder meer SXSW, The Great Escape en Green Man Festival aandoet. 

De single verscheen via het label Practice Music. De video bij het nummer, Housepláááánts ritmisch geschreven in seventies-stijl discoletters, die vind je hieronder.


Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Word-Lid-Banner-660x150.jpg

Het zou zomaar eens kunnen dat 2019 het jaar van Pozi wordt. In eigen land wist het Londense trio al de nodige aandacht te genereren. Debuutsingle KTCMO werd eind vorig jaar opgepikt door de BBC en de nieuwe single Watching You Suffer hoor je met regelmaat voorbij komen op de betere Britse (alternatieve) radiostations. Later dit jaar komt het debuutalbum van de band – PZ1 – uit op het Londense PRAH Recordings.

Pozi bestaat inmiddels zo’n twee jaar en een voorliefde voor Public Image Limited bracht de drie bij elkaar. Hiervoor speelden drummer Toby Burroughs, zanger en bassist Tom Jones en violiste en zangeres Rosa Brook in weinig tot de verbeelding sprekende bands als Dustins Bar Mitswa en Totem. Met Pozi moet daar verandering in komen. De band maakt een bijzonder mix van postpunk en Britpop en noemt Sleaford Mods als een van zijn invloeden. Het resultaat: die fijne, puntige single Watching You Suffer.

Watching You Suffer gaat volgens de band over de voorkomende hiaten in de toegang tot geestelijke gezondheidszorg in het Verenigd Koninkrijk. Het nummer is geschreven nadat de goede vriend van drummer Toby Burroughs jarenlang van de ene naar de andere instelling werd gestuurd. “Het waren slecht geleide klinieken met schadelijke effecten”, zegt Burroughs. “Het nummer weerspiegelt dat, maar ook het gevoel van schuld dat mijn eigen steun aan hem beperkt en niet echt genoeg was.” In de video van Watching You Suffer zie je iemand in moeilijkheden die door een eenzame stad dwaalt. De voorbijgangers zien haar niet of ze tonen simpelweg geen interesse.

Vandaag weer eens een lekker obscuur bandje voor je niet te stillen muzikale lintworm. Het zestal van N0V3L, een Canadese band die je in de gaten wilt houden als je houdt van springerige en rauwepostpunkfunk en die in februari nog eens uitgebreid naar Nederland komt voor een aantal shows.

Mocht je nu al denken: N0V3L, dat is écht oud nieuws! Dan moet je misschien eens overwegen om lid te worden van onze redactie, want deze band is nog zo vers (en social media-schuw) dat er niet bijster veel over te vinden is. We weten dat twee bandleden worden gedeeld met Crack Cloud, de band die vorige maand nog tijdens Le Guess Who? speelde. Daarnaast weten we dat de band vooral twee dubbele singles uit heeft gebracht die stuiteren van de springerige gitaren, energieke drums en lyrics die hete onderwerpen niet onder stoelen of banken schuiven.

De band omschrijft het zelf als: ‘N0V3L is an engine of entertainment and social criticism weaponizing rhythm and melody against the unsound powers that be. Rigid new-wave, angular funk, polyrhythmic disco and intellectual punk together approximate a radical new sound that forms a principal means of ideological circulation.’

N0V3L is de tweede signing van het DIY-label Meat Machine, dat half februari de debuut-EP NOVEL van de band uitbrengt. Qua referenties/related artists kun je de band prima plaatsen in een playlist vol met Talking Heads, Parquet Courts, Lithics, Preoccupations, Omni en Bodega. Vooral de singles Natural en To Whom It May Concern lijken uit hun velletje te springen.

Wat je zo’n beetje kunt verwachten op de band zijn eerste EP: ‘Their eight-track debut EP, is a fluorescent, freshly-scorched declaration of intent, a martial, brutalist slab of nimble melodics and group-yelped anti-capitalist mantras.’ Hieronder een voorproefje van hoe dat ongeveer klinkt.

N0V3L live zien? De band speelt 8 februari tijdens Grauzone in Den Haag, op 9 februari via Subbacultcha in De Nieuwe Anita en EKKO op 10 februari.

Londons postpunkduo Farai bestormt de wereld pas sinds kort. De eerste EP Kiswell kwam in 2017 pas uit. Maar met raving reviews van het nieuwe album Rebirth in The Guardian, Der Spiegel en DJ Mag heeft de act, aangevoerd door vocaliste Farai Bukowski-Bouquet, echter een fantastisch begin gemaakt. 

Farai wordt in 1988 in Zimbabwe geboren. Ze verhuist op haar twaalfde met haar ouders naar Londen. Ze gaat naar de kunstacademie en raakt geïnteresseerd in muziek en mode. Ze ziet zichzelf naar eigen zeggen dan ook niet alleen als muzikant, maar ook als schrijver, dichter en spoken word-artiest. 

Farai begint dan ook met optreden als spoken word-performer en lid van Shop Floor Sessions, een collectief van muzikanten en dichters die in een gekraakte winkelruimte jamsessies organiseren. Hier ontmoet ze Basil Anthony Harewood Jr., alias TØNE, die Farai sindsdien van de voor haar muziek zo karakteristieke beats voorziet. Op het plein in Dalston, Oost-Londen waar het duo elkaar ontmoette, is ook NTS Radio gevestigd. Daar hostte het duo onlangs deze livesessie.

This Is England
TØNE speelde in verschillende indiebands voordat hij beats begon te maken. Hij is daarbij in goed gezelschap: hij deelt zijn studio met Micachu (van Micachu & the Shapes), die dan weer de nieuwe plaat van Tirzah heeft geproduceerd, die we in veel jaarlijstjes tegenkomen. Wederkerigheid lijkt voor beide muzikanten een belangrijk thema en ook maatschappijkritische teksten worden niet geschuwd: in This Is England richt Farai zich bijvoorbeeld direct tot Theresa May.

De toon van de muziek van Farai is zelfverzekerd, maar nooit zelfingenomen. Ze brengt protestsongs die passen bij een generatie, maar die tegelijkertijd toegankelijk en open genoeg zijn om je met een explosieve liveshow helemaal mee te voeren. Verwacht eigenwijze postpunk die buiten de lijntjes kleurt: de punk- en wave-invloeden zijn hoorbaar, de soulvolle zang dringt tot je door. Soms, als je je ogen dicht doet, is het ineens de jaren tachtig. In 2019 gaat Farai op tour door Europa. We zien je daar. 

De do-it-yourself mentaliteit zit er na een decennium muzikale bezigheden bij Craig Dyer nog steeds flink in. En hetzelfde geldt voor de minimalistische postpunk-, shoegaze- en surfmuzieksferen die we kennen van de band waarvan Dyer het hart vormt: The Underground Youth. Met dank aan de mentaliteit van Dyer groeide The Underground Youth uit van een solowerkje tot een vierkoppige band, met echtgenote Olya op drums. Momenteel werkt de band aan het negende studio-album, maar voordat die plaat uitkomt, brengt het gezelschap vanuit thuisbasis Berlijn in September de 7”-schijf Fill The Void /Take Me Awry uit. De reden? De songs passen niet op de nieuwe plaat. Een vreemd argument denk je? Lees hier het hoe en waarom.

Fill The Void is een bijzondere song. Dyer had het nummer al een tijd op de plank liggen, maar wist niet wat hij ermee aan moest. Het ritme ervan, dat we kunnen opvatten als de ontiegelijk dansbare four-on-the-floor disco-beat, kon hij namelijk niet goed plaatsen. Bovendien paste het geluid van het nummer totaal niet in de lijn van het nieuwe geluid waarmee de band experimenteert voor de nieuwe plaat. Desondanks nam de band het nummer op in de setlist van de optredens van de afgelopen tour. Wonderwel bleek het nummer live ontzettend goed te bevallen. Sterker nog, het werd zelfs een van de opwindendste nummers om te spelen voor de band. Dus teruggekomen van de tour werd het nummer in de studio onder handen genomen om het samen met het Take Me Awry als een aparte uitgave uit te brengen.

Op 8 september brengt de band het 7”-schijfje uit via Fuzz Club. En als we het dan toch over Fuzz Club hebben, dan klopt het inderdaad helemaal dat de band zaterdag 25 augustus nog aantrad tijdens Fuzz Club in Eindhoven.

Via de digitale snelweg zijn Fill The Void en Take Me Awry al te vinden. Hieronder hoor je Fill The Void.

The Daily Indie Presents
Moaning & Cut Worms
Donderdag 30 augustus

 

We ronden de zomer dit jaar wel erg mooi af op 30 augustus, wanneer we de show van Cut Worms en Moaning presenteren in EKKO. En van dat vooruitzicht worden we zo blij dat we besloten om Moaning-frontman Sean Solomon te bellen om te horen waar de band allemaal mee bezig is en uiteraard over de komende tour.

De ochtend is in Los Angeles net langzaam zijn kleuren over het land aan het schilderen, terwijl we Solomon aan de lijn krijgen. Sinds een paar jaar vormt hij met zijn twee vrienden Pascal Stevenson en Andrew MacKelvie de postpunkende band Moaning. Wij krijgen dit trio op de radar in december van het vorige jaar, met de release van de single Don’t Go. Daarbij werd ook meteen duidelijk dat de band bij Sub Pop had getekend en stond het al in de sterren geschreven dat deze band het weleens goed zou kunnen doen. Ondertussen volgden de singles Artificial en werd met Tired de laatste zet gegeven voordat het zelfgetitelde debuutalbum in maart dit jaar verscheen.

Nu zijn we weer een paar maanden verder en heeft de band inmiddels al op London Calling gespeeld en speelden de drie een paar weken later nog op Best Kept Secret. Nu komt Moaning terug voor een nieuw rondje Europa en komt de band de genadeslag toebrengen met zijn ijskoude sound. We vragen Solomon wat er de laatste tijd zo allemaal door zijn hoofd speelt. “Nou, ik moet over een paar dagen voor de eerste keer een verstandskies laten trekken, dat houdt mij op dit moment wel bezig, ja.”

 

Spelen/balanceren
Sinds we over de eerste single in december schreven tot en met nu, is er wel het een en ander gebeurd voor de band. Hoe kijkt Solomon terug op deze periode? “In onze dagelijks levens is er niet zoveel veranderd, behalve dat we nu ontzettend veel touren. Sinds maart hebben we zo’n 65 shows gespeeld, dat is best veel”, zegt hij. “Daarbij kwamen er wel dingen omhoog waar je niet zo snel bij stilstaat van tevoren, het is toch best zwaar om zoveel weg te zijn. Zo is het lastig om goede relaties met mensen thuis te onderhouden als je lang weg bent, maar ook om goed voor jezelf te zorgen als je zoveel reist.”

En zo heeft de band nog wel meer (goede) ervaringen opgedaan dit jaar. “Er waren veel goede momenten tijdens de laatste tour. Zo heb ik geleerd mijn gitaar op mijn hoofd te balanceren, dat was tof”, lacht hij. “Nee, maar we hebben wel een paar grote shows kunnen doen en veel bands gezien en ontmoet die we tof vonden. Zo stonden we tijdens één festival in Frankrijk geboekt tussen Beck en The Jesus Mary Chain geprogrammeerd, dat zijn mooie dingen.”

Sub Pop/stress
Een grote hulp in het verspreiden van de bandnaam is zonder meer Sub Pop geweest, het legendarische label met een roster om U tegen te zeggen en Moaning tekende voor zijn debuutalbum. “Dat scheelt echt een hoop, ze financieren onze video’s, zorgen voor aandacht in de pers, doen al het fancy labelwerk en ze zijn erg aardig tegen ons. Het is zeker een grote reden dat mensen nu van onze band hebben gehoord. Daarvoor luisterde er niemand naar ons”, zegt de zanger. “Het is erg fijn om zo’n team achter je te hebben staan. Verder doen we nog best veel zelf, we hebben geen manager. Maar het is ook goed om zelf dingen blijven te doen.”

Sean, Pascal en Andrew kennen elkaar al jaren en weten ondertussen wat ze aan elkaar hebben. Toch is deze intensieve periode van touren en het uitbrengen van een album de groepsdynamiek nauwelijks veranderd volgens Solomon. “Uiteraard leer je een hoop van elkaar als je de hele dag in een bandbus opgepropt zit, maar we zijn al meer dan tien jaar vrienden en spelen al zo’n vijf jaar als band, dus dat zit wel goed. Het is alleen wel meer ‘werk’ geworden en het is allemaal een stuk stressvoller omdat het nu serieuzer is. Het is allemaal behoorlijk snel gegaan, dus we moeten nog een hoop verwerken wat er het afgelopen jaar allemaal op ons af is gekomen. Alleen daar is nog nauwelijks tijd voor geweest.”

 

Debuutalbum/nieuw materiaal/cults
Het ging inderdaad hard vanaf het moment dat het album aan werd gekondigd en de eerste singles werden gelanceerd. Terugblikkend op het album: waar is Solomon eigenlijk het meest blij mee? “Met meerdere dingen wel. Ik ben erg blij met hoe het opgenomen is, de liedjes klinken op hun allerbest, we hebben er alles uit weten te halen voor mijn gevoel.” Dat lukte onder meer door de hulp van producer Alex Newport, die eerder met bands als At The Drive-in, Death Cab For Cutie, Bloc Party en Pissed Jeans werkte. Solomon: “Ja, hij heeft ons zeker geholpen om meer uit onze sound te halen. Voor een nieuwe plaat willen we ook zeker weer met hem de studio in duiken, ik vind het erg fijn om met hem te werken. Hij begrijpt onze referenties en wat we willen doen. En hij koopt altijd biertjes voor ons terwijl hij zelf niet eens drinkt.”

Er wordt dus alweer rustig geschreven aan nieuw materiaal, al is de beschikbare tijd om te schrijven hem niet altijd gegund. “Zodra ik thuiskwam van tour ben ik weer wat dingen gaan schrijven. Dat mis ik weleens tijdens het touren: de mogelijkheid om eventjes met je gitaar een liedje te schrijven. Maar dat komt wel weer, op het moment hebben we aardig wat demo’s liggen, alleen daar zijn we nog veel te kritisch over op het moment. Voor het nieuwe werk ben ik minder geïnteresseerd in het denken in genres of wat dan ook, maar wil ik puur de focus leggen op een goed liedje en vanuit daar werken. Met die manier van werken zal het nieuwe album diverser worden denk ik.”

Er is tijdens de tour in ieder geval genoeg tijd om over nieuw werk na te denken. Zo zijn er nogal wat uurtjes te doden, waarmee houdt Solomon zich zoal bezig de komende weken? “Ik lees aardig veel op tour en sinds kort heb ik een nieuwe iPad waarop ik boeken lees. Dat is wel een fijn ding, als ik daarop lees word ik minder misselijk dan als ik een papieren boek lees”, vertelt hij. “Op het moment lees ik Ain’t I A Woman van Bell Hooks over zwarte vrouwen, racisme, seksisme en feminisme en lees ik op het moment aardig wat boeken over kritische theorieën. Eentje daarvan is Capitalist Realism: Is there no alternative van Mark Fisher. Over de periode na de val van de Sovjet-Unie en het feit dat we eigenlijk geen alternatief kunnen bedenken voor ons huidige kapitalistische systeem. De schrijver van dit boek heeft trouwens vorig jaar zelfmoord gepleegd, nogal een verdrietig verhaal”, vertelt Solomon. “Verder luister ik graag naar podcasts over cults, eentje die ik graag luister is Heaven’s Gate.”

 

Heden/toekomst
Dan nog even vooruitkijkend naar de komende shows van Moaning. Want ondanks dat het allemaal zo hard is gegaan, zijn er toch bepaalde dingen die Solomon al geleerd heeft dit jaar? “Dat er altijd wel bier en eten is, maar dat je het niet altijd hoeft te nemen. De volgende dag is het er ook nog wel”, grinnikt hij. “Tijdens het touren leren we elke dag, het zit in kleine dingetjes als het geluid of communicatie. Ik heb echt het idee dat we als band elke dag beter worden tijdens een tour.”

Vanuit reflectie kijken we de toekomst in: welke weg zou Solomon graag willen bewandelen met de band? “Ik heb vooral erg veel zin om een volgend album op te gaan nemen en iets unieks te maken, te blijven touren en videoclips op te nemen”, vertelt Solomon. “En het lijkt alsof alles alleen maar beter en makkelijker gaat, we hebben de eerste grote stappen als band gezet en nu kunnen we verder. We bevinden ons op een plek waar we wat comfortabeler kunnen touren, coole shows kunnen spelen en dat we ook nog mensen bereiken met wat we doen. Vanuit hier wil ik graag naar een punt toe waar alles zo goed mogelijk is, van ons livegeluid tot de lichtshow en elk ander detail. Het is een proces van paying our dues tot een zekere hoogte en we moeten onszelf telkens iets verder omhoog werken.”


 

WEBSITE EKKO | FACEBOOK-EVENT | WORD LID VAN TDI


 

Galmzang, een allesvernietigende baslijn, drums die je fataal kunnen worden en achterbaks gnuivende gitaarnoise. Zo weet het Canadese postpunk-viertal HSY met hun sludgerock het begrip horror knap te definiëren in geluid. Aan gruwelijk lawaai zou ieder normaal mens waarschijnlijk graag willen ontsnappen, maar als het zó gespeeld wordt wellicht nóg grager eigenlijk niet.

Dat de band zijn thuisbasis Toronto deelt met de band Metz zal geen verassing zijn, te horen aan de intense luidheid die de twee bands gemeenschappelijk hebben. Zangeres Anna Mayberry omschrijft de song in een interview met NME: ‘Dit gaat over gedeelde waarden. Je bent uit geld gemaakt en dat geld is waardeloos. Plezier is werk. Eet je baan op. Helpt dit? Goed hoor! Soms krijg ik honger wanneer jij eet. Laat me voeden zodat je niet tegen me kunt praten.’

Feeder is te vinden op het via Buzz Records uitgebrachte debuutalbum ‘Bask’.

Luister Feeder hier op Soundcloud!

De laatste jaren rollen er voortdurend jonge, hippe acts van de band in Kopenhagen, dat naast de hoofdstad van Denemarken ook het indiemekka van Scandinavië is. Eén van die acts is Communions. Dit viertal maakt, in tegenstelling tot bekende plaatsgenoten als Iceage, Holograms en Shiny Darkly, lichtvoetige en zonnige popliedjes met de reverb-knop vol open. De band bracht vorig jaar al de EP ‘Cobblestones’ uit en nu is er een selftitled opvolger.

 

 

Op deze plaat viert het thema ‘zomer’ hoogtij, wat vooral te merken is bij het luisteren naar nummers als Forget It’s A Dream en Out Of My World, de twee indie-anthems die (toevallig?) het openings- en slotstuk van de EP vormen. Opvallend zijn ook invloeden van grote namen uit het verleden. De gitaren doen bij vlagen denken aan The Stone Roses en de ietwat drammerige vocalen van Martin Rehof klinken bij tijd en wijle als een piepjonge Morrissey die zojuist een heliumballon heeft leeggezogen. Een andere band die in herinnering schiet is Northern Portrait (vooral tijdens Summer’s Oath), niet geheel toevallig ook een product van Kopenhagen. Beide bands specialiseren zich in songs met veel janglepopinvloeden, maar waar Northern Portrait klinkt als een verzameling verloren B-kantjes van The Smiths, is Communions juist heel eigen in zijn eindproduct.

De band levert met deze EP een prima soundtrack voor de frisse zomeravonden af. Eentje die, ondanks minder overtuigende nummers (Wherever en Summer’s Oath), zowel geschikt is voor liefhebbers van nineties baggy gitaarmuziek, als de indiepopliefhebber van nu.

eagulls band

 

 

De Britse gasten van Eagulls zijn heel erg lekker bezig voor de liefhebbers van postpunk. Hun muziek klinkt beestachtig ruw, opgejaagd, angstig en lijkt wel midden in de nacht opgenomen in een spookachtig bos. Een tijdje geleden spraken we de band uit Leeds over hun heden, verleden en toekomst. 

 

Zo, wat zijn jullie allemaal uit aan het spoken?

“Niet zoveel op het moment, we hebben vooral weinig geslapen.”

 

Jullie speelden onlangs op het grote showcase-festival CMJ in New York, hoe was dat en hoe spring je eruit tussen 1.400 anders shows?

“Dat was te gek, er waren best wel wat mensen bij de shows. We hebben lang gespaard en al ons geld gestoken in een pers-guerrilla, ha ha! Nee, je weet niet hoe dat soort dingen gaan, we werden wel een keer door de New York Times en Rolling Stone genoemd, dat scheelt misschien wel. Maar je moet gewoon doen wat je altijd doet. Het gaafste was toch wel dat we vuurwerk af gingen steken van een of ander duur appartement in Brooklyn en er allerlei alarmen afging en de politie verhaal kwam halen. Good times.

 

Waarom moeten onze lezers jullie muziek zeker luisteren?

“Ik denk omdat het eerlijk en oprecht is, we houden niet van onzinnige bullshit rondom de band. We spelen en schrijven vanuit onszelf, hebben het niet over irrelevante zaken en ik denk dat mensen dat wel voelen.”

 

 

 

 

Hoe zijn jullie gegroeid als band de laatste paar jaar?

“We hebben er nog steeds veel plezier in, alleen we houden onze ogen wel goed open nu het steeds beter gaat met de band. We zijn vrij cynisch geworden, ook wel over de muziekindustrie en dat is ook wel terug te horen in onze muziek. Ik denk dat we veel realistischer en minder naïef zijn dan in het begin. We stoppen al onze energie nu vooral in de muziek en het toeren, want we werken hiernaast nog steeds helaas, dus we hebben echt geen tijd voor onzin.”

 

Ik ken jullie pas net, maar jullie komen over als aardige gasten. Waar komt die rauwe energie en gemene sound vandaan?

“Dit is de enige kans om dat te doen denk ik. Om alle adrenaline te laten stromen, niet na te hoeven denken, alles eruit te gooien en ontzettend veel plezier te maken.”

 

Hoe creëer je spanning in de studio?

“Dat is moeilijk te zeggen eigenlijk… Sommigen van ons wonen en werken ook nog eens samen, dus we zien elkaar soms veel te veel. En misschien ook wel omdat we, vanwege de financiën, maar een bepaalde tijd hadden om op te nemen in de studio. Op dat moment moest het simpelweg gebeuren. Ik (George Mitchell, zanger red.) had ook nog een flinke infectie op mijn borst en dat had ik pas veel te laat door, maar toen moest ik dus nog de zang opnemen.”

 

Volgens mij heeft dat juist wel gewerkt als ik zo naar die nummers luister!

“Misschien is dat ook wel goed geweest voor dat scherpe randje, ha ha. Toen was het in ieder geval verschrikkelijk, dat kan ik je wel vertellen.”

 

 

Nieuws single Possessed

 

 

Hebben jullie al zin in de release volgend jaar?

“Poeeeee, we spelen al die nummers al live, we kunnen echt niet wachten tot die uitkomt, man! Het is een diverse plaat geworden, wij zijn er echt heel erg blij mee.”

 

Wat zijn de volgende stappen?

“Heel veel toeren, de plaat uitbrengen en hopen dat we hiernaast kunnen stoppen met werken. Of ontslag krijgen, dat zou misschien ook wel prima zijn. Dan hebben we de perfecte reden om hier volledig voor te gaan.”

 

 

De zelfgetitelde debuutplaat van Eagulls komt 3 maart uit via Partisan Records