Live

Scheurende continenten, een wandeling met William Tyler en orgel-drones tijdens de eerste dag van Le Guess Who?


8 november 2019

We zouden dit weekend nergens anders ter wereld willen zijn dan in Utrecht, waar we vier dagen aanwezig zijn bij Le Guess Who?. Een van de weinige plekken op deze aardkluit waar je met een obscure tote bag van een of andere Japanse ambient-act uit de jaren tachtig om je schouder kunt lopen, die vervolgens op allerlei plekken in de stad wordt herkend. ‘Wow, I like your bag. By the way, if you love that music, you have to check out…!

Tekst Ricardo Jupijn & Roelof Schipper

Nou ja, dat niveau, dus. De Domstad is dit weekend van Le Guess Who? en daarmee een plek waar je volledig jezelf kunt zijn. Waar je iedereen je tas toevertrouwt om er even op te passen als je naar het toilet moet en zelfs een pasgeborene zouden we nog glimlachend overdragen. En potdomme, wat zijn er ook al een hoop bezoekers al op de eerste dag. Links en rechts horen we dat het vanavond al zo goed als uitverkocht is, wat voor de donderdag wel een veelbelovend teken is. Normaal gesproken een dag om lekker in te komen, maar vandaag staat er een vol programma op ons te wachten. Ons team neemt je mee in een (muzikale) wereldreis waar ons van alles staat te wachten.


Buiten TivoliVredenburg, bij de draaideuren, staat William Tyler. Hij spreekt even met een jongen-met-baard, staat dan alleen. Kleine man met veel te grote gitaarkoffer en een klein linnen tasje, behoorlijk kenmerkend, vierkant gezicht dat wat naar voren hangt. Een donker kruispunt met teveel verkeer. Ik sta vlak achter hem op mijn telefoon te turen, ben van plan om naar expositieruimte BAK te gaan, uitsluitend om de reden dat ik een uur over heb.

Ik schiet William Tyler aan, excuseer mij met de mededeling dat ik hem herken als William Tyler en vraag of hij ergens moet zijn. “The Sint-Jans Church – it’s supposed to be just a straight line.” Ik zeg dat ik ‘m daar kan afzetten als hij wil, ik moet toch in de buurt zijn. Een gesprek-als-wandeling volgt, Wiliam zegt dat hij vooral improvisatie gaat doen vanavond met Mary Lattimore, een harpiste. Zijn stem is wat benepen, hij praat snel.

Ik vraag William of hij om die reden nerveus is; hij grinnikt (‘hèhè‘) en zegt: “Yeah, but at the same time I’m really zen about it.” We steken de Viebrug over, ik vraag of het problematisch is om zen in een kerk te zijn. William omschrijft zich als een jongen die de waarde ziet in elke geloofsovertuiging, en dat hij eens in een kerk in Engeland had gespeeld die volgens iemand ontwijdt was, waardoor je er gewoon seculiere muziek kunt maken, roken, vloeken en er nog mee weg zou komen ook.

Daar staat de kerk, blauw uitgelicht. Ik geef hem een hand en loop naar Expositieruimte BAK, waar ik een poosje kijk naar een kroonluchter, gemaakt van aardappels en touw.

Foto: Jelmer de Haas

De overgang van de blauw-uitgelichte gevel van Janskerkhof en de orgelmuziek van Kali Malone in de Grote Zaal van TivoliVredenburg had niet beter gekund. Tyler die de waarde in alle overtuigingen ziet en Malone die het orgel uit het kerkelijke verband haalt en op zoek gaat naar een ander soort heiligheid: het is niet voor niets dat ze vier stukken speelt uit het dit jaar verschenen orgelmonument The Sacrificial Code. Het barokorgel galmt en wordt versterkt door de grote zaal, en al snel doen de eerste oude mensen hun ogen toe. Naast mij zit een vrouw met grijs piekhaar. Ze doet haar ogen dicht, strekt haar nek en ontspant.

Gedurende vier maal tien minuten loopt de zaal langzaam leeg. Wie blijft zitten begint de eerste avond van Le Guess Who? volledig stilgezet. (RS)


Foto: Melanie Marsman

Ondertussen in TivoliVredenburg is de eerste rij een feit aan het begin van de avond, want zoals gezegd: het is lekker druk met overal opgewonden muziekliefhebbers die door het gebouw stuiteren. Wij komen voor La Bruja De Texcoco, die als een Mexicaanse Apollo plukt aan haar harp voor een ramvolle zaal. Deze schitterende verschijning zingt levensliederen uit mystieke werelden die wij niet kennen. Tussen de liedjes door vertelt Octavia Mendoza Anario, zoals ze in het echt heet, allerlei monologen in het Spaans en ondanks het feit dat vrijwel niemand er ene snars van snapt, maakt het allemaal ook niet uit.

Foto: Melanie Marsman

Het is een openbarende show waarin Anario zich langzaam aankleedt, terwijl ze met de rug naar het publiek haar warmbloedige schlagers de zaal invloeien. Net een diablo-masker op zijn hoofd, een waas van wierook en een aantal grote Maria-afbeeldingen op zijn zeemeermin-dijen, lijkt het alsof we in een soort katholieke droomvlucht zweven in de Pandora-zaal. Ik voel mij geborgen in de aanwezigheid van Moeder Gods en de zachte dissonante liederen van de Mexicaanse. Een echte coco, zwemmend in schuim en bubbels, liggend in de branding van een grootse en louterende oceaan die alle ooit ontstane vooroordelen wegspoelt en de wereld opnieuw geboren laat worden. (RJ)


Foto: Tess Janssen

Wie op zoek is naar wat meer beweging kan de korte maar niet heel korte wandeling maken naar EKKO, waar Eiko Ishibashi met twee drummers en een dwarsfluit best nog wat deining veroorzaakt. Met de zegen van innovator Jim O’Rourke achter haar vorig jaar verschenen The Dreams My Bones Dream verschijnt een toch wel jong publiek, met uitzondering van een man die naast mij staat, op Nick Cave lijkt, maar in Leiden woont. Ondertussen zet Eiko Ishibashi een behoorlijk straffe set neer, waarin het ene stuk moeiteloos het andere opstart met field recordings van voorbij-razend verkeer, vogels, dwarsfluit-bewerkingen en jazz. Ik schakel tussen stadsbeelden en het kleine podium van EKKO, waar twee drumkits, een piano en een dwarsfluit tegen een zwarte muur gedrukt staan.

Ik loop terug naar de TivoliVredenburg. Het is tien uur, er zijn veel mensen op straat, geel-zwarte bussen passeren, het is koud. (RS)


Foto: Jelmer de Haas

Inmiddels binnen is het aangenaam warm in de Grote Zaal, waar iedereen in een grote kring gespannen zit te wachten op AEAEA, het project van Le Guess Who?-curator Patrick Higgins en niemand minder dan Nicolas Jaar. Vernoemd naar het legendarische en fictieve eiland uit de Odyssee van Homeros, is dat project haast even mythisch. Ingeklemd tussen vele vriendengroepen die naar het festival zijn gekomen, die trouwens allemaal een Whatsappgroep lijken te hebben, ik zie er zelfs eentje die ‘Le Guess whoop whoop’ heet (shiiittttt hé), weet niemand wat er precies gaat gebeuren.

Foto: Jelmer de Haas

Hoe het klinkt? Ja, dat vroegen wel langslopende bekenden zich ook al af toen ik de gangen iets op papier probeerde te zetten. ‘Je had erbij moeten zijn’ zeggen is flauw (alhoewel dat stiekem wel geldt voor Le Guess Who?), maar ongeveer zoals het zou moeten klinken als twee continenten uit elkaar worden gescheurd. Het geborrel van een aardbeving die resoneert in het binnenste van de aarde. Door het live resamplen worden de klanken van de twee steeds heftiger, een aanstaande eruptie, waarbij Higgins op zijn gitaar ramt en Jaar eruitziet alsof hij een formule aan het invoeren is in een hele ingewikkelde Excel-sheet.

Mijn simpele hersenen houden dit echter geen uur vol, dus we klimmen na ruim een halfuur uit deze borrelende vulkaan die de Grote Zaal op het moment is en duiken verder in de jungle van Le Guess Who?, onder het genot van het heerlijke bier dat door De Kromme Haring speciaal voor het festival is gebrouwen. (RJ)


Foto: Tim van Veen

Gewapend met een nieuwe plaat Altid Sammen, dwalen met de rook van het podium ook de verstilde liedjes van Efterklang de Grote Zaal in. IJsblokjes die als boter smelten en met gespetter langzaam over de banken naar beneden druipt. De ijle en elektronische Scandinavische ruimtelijkheid van de altijd goed gemutste band cirkelt rond in extatische kringen van het podium af en weer terug en weer terug en weer terug.

Foto: Tim van Veen

Toch zweeft de band zijn muziek aangenaam, maar echt opstijgen wil het niet. Ligt misschien niet eens aan de band, want die speelt overtuigend en beter dan ooit, alleen een act als Efterklang is vanavond gewoon niet zo heel spannend tussen het experimentele geweld van Le Guess Who?. Ook niet echt eerlijk misschien, maar zo voelt het nu eenmaal. (RJ)


Foto: Erik Luyten

Waar AEAEA de continenten leek te splijten, lijmt Earth alle stukken weer aan elkaar. Met oervader van de drone-metal Dylan Carlson aan het roer, komt elke aanslag uit de tenen van hem en zijn bandleden. Alles rinkelt en de Ronda lijkt in een moeras te veranderen waarin de hele mikmak opgeslokt wordt door het dronende drietal en hun werk van het dit jaar uitgebrachte Full Upon Her Burning Lips.

Foto: Erik Luyten

In aanloop naar het festival schreven we een feature over de band, waarin onder meer het nogal heftige leven van Carlson aan bod kwam. Het is soms ongrijpbaar, maar in elke laaaaaaanggerekte noot van hem is een heel leven te horen. Een gevoel dat ergens door de ziel in de gitaar wordt gestuurd. Want van ziektes, gewapende overvallen tot zijn vriendschap met Kurt Cobain (die shotgun was van Carlson…): de muzikant heeft zijn portie wel gehad. Op een of andere manier alles komt ergens samen in dit bizarre universum dat het heelal als echokamer lijkt te gebruiken voor zijn bring-down-the-house-set. Ik weet niet wat het is, maar het is nogal wat…!