Live

Wij waren op Sniester voor een sfeerverslag en werden overrompeld door de diversiteit van het Nederlandse muziekveld


28 mei 2018

Het laatste weekend van mei is aangebroken en daarmee staat er een traditioneel heet weekendje Sniester op het programma. Het festival roept ons dit jaar naar de Hofstad voor meer dan tachtig spannende en nieuwe acts uit binnen- en buitenland.

Tekst Ricardo Jupijn
Foto’s Ad Baauw
Omslagfoto Wouter Vellekoop

Vanavond gaan we ons lekker een avondje laten verrassen. De Spotify-playlist danst al tijden in ons hoofd en het tijdschema zit op ons netvlies gebrand. We gaan eens naar links, we gaan eens naar rechts: maar waar je ook uitkomt, het niveau is dit jaar erg hoog en eigenlijk alles is toch wel leuk. We begeven ons naar het epicentrum op de Grote Markt, die is omgebouwd tot een Sniester-paradijsje met lekkere eetkraampjes, een muziekkapel waar korte showcases worden gegeven van acts die op het festival spelen, terwijl we omsingeld worden door rollend gelach van de terrassen om ons heen.

 

De eer om het vrijdagavondprogramma te openen gaat naar Naive Set, de band die onlangs nog een ontzettend fris en zelfgetiteld album uitbracht, waarvan we eerder al een single in première mochten laten gaan. Dat pareltje werd in Londen opgenomen met James Hoare, een van de voormalige frontmannen van Ultimate Painting. Maar hoe dat nou live klinkt? Dat wilden wij wel eens even weten, dus doken we het Paardcafé in. We moeten nog even wachten om allerlei antwoorden op onze vragen te krijgen, want we staan in de lange barrij naast Arie van Vliet, gitarist/toetsenist van de band. “Ja, we moeten toch echt even wat te drinken hebben”, laat hij noteren.

Wat biertjes en een cola verder staat de band dan toch opgesteld en het lijkt wel een voetbalmuurtje waar Ronaldo hem niet omheen zou hebben kunnen krullen. Aangezien de surprise-act AKA Di-rect voor later vanavond gepland staat, heeft de band zich om het immense drumstel heen moeten vouwen van drummer Jaimy en staan de bandleden met maximaal 0,75 m² per persoon die indiegitaarhits eruit te persen. De gitaardichtheid is hoog in het gezellig kleine café, de drums minimaal, de sound gruizig en de barman is er aan het einde van de show nog steeds druk mee om de maagdelijke festivalsfeer wat bitters in te schenken.

 

Via een kruipweggetje in het oude Haagse pand vinden we Luwten in de Kleine Zaal. In plaats van het mid-mellow-tempo wat omhoog te schroeven, zoeken we in ’t Paard de geborgenheid van Tessa Douwstra en haar muzikale kompanen. De zangeres hebben we al een tijdje in ons hart gesloten met haar bloedstollend mooie debuutalbum uit 2017 en de speciale podcast die we met haar maakten rondom het nummer Go Honey. Afijn, ondergetekende had Luwten nog nooit live gezien, maar de ene jubelrecensie na de andere voorbij zien komen en dus zocht ik een mooi plekje in de zaal.

Waar de vrijdagmiddagborrel nog niet helemaal afgelopen lijkt te zijn bij de eerste tellen van de show, werpt Tessa nog eens een aardig doch strenge blik de zaal in en dooft het geouwehoer. Gelukkig, want de set van Luwten is schitterend en wil je in alle rust en aandacht tot je nemen. Onder het blauw-rode licht wordt muzikale schoonheid geschapen en in al zijn pracht tentoongesteld. Als een ruisend en twinkelend beekje met lichte rimpels en belletjes die tegen de oppervlakte poppen en een zachte stroom lucht over de oever verspreiden. Prachtig.

 

Fungo Bat it is then! Na een intens en sophisticated begin van Sniester ben ik klaar voor een kopstootje. Van de week interviewde ik nog frontman Sam Verbeek en hij beloofde van alles voor zijn Sniester-show, dus ik wil ‘m vanavond weleens zien knallen. Daarvoor doe ik nog een rondje Grote Markt en na wat gezellige high-fives uit te hebben uitgedeeld aan allerlei bekenden, wandel ik rustig naar de venue. Ik neem plaats op een van de leren bankjes, bekijk de bescheiden maar fijne bierkaart en kijk nog eens om mij heen. ‘Het is op zich wel érg rustig met nog krap tien minuten voor de show’, bedenk ik mij nog. Ik zie de band niet, geen technici, geen publiek en zelfs geen barman. Toch nog even het tijdschema bekij…

…ken, en door! Ja hoor, de band speelt in Rootz, hallo. Terwijl ik in galop aankom, kan ik gelijk vanaf het terras met de band meelopen richting het podium, waar de gitaren omgehangen worden en er direct geshined wordt! Holy cow, dit is gloeiende instant rock-‘n-roll! Geen seconde twijfel, niks ‘eventjes inkomen’: rammen en rocken, gvd. Fungo Bat zijn nummers werken live haast nog beter dan op plaat en alles loopt als een gesmeerde Zwitserse klok. Open liedjes, heldere melodieën, fabelachtige strakke drums, een seventies looking bassist in een judopak en geen overkill aan instrumenten en ideeën, maar rechtdoor naar een stip op de horizon. Het plezier straalt van het podium in Rootz af, de liedjes volgen elkaar snel op, er wordt nog een duizelingwekkend intermezzo gespeeld dat klinkt alsof je op en neer in een draaimolen gaat; inclusief spiegeltjes, gouden lampies, engeltjes en demonische, galopperende paarden. Wajoo, wat een trip!

Foto: Tineke Klamer

 

Vervolgens gaan we nog even dieper met het Vlaamse Nordmann voor een heel ander muzikaal smaakje. De band is met zijn experimentele rock/jazz steeds grotere delen van Nederland over aan het nemen en laat vanavond aan Den Haag zien wat het zoal in de vingers heeft. In de zwarte hemel die het Koorenhuis achter in zijn pand herbergt, geeft de band een oorstrelend concert met een hoop vuur, dynamiek en diversiteit. De saxofoon toont al zijn kleuren, de drums jagen de boel op en de gitarist hult zich in onheilspellende en nevelende precisie. Bijzonder indrukwekkend en elke wending die de show neemt is interessant, precies dit zijn van die verrassende shows waarvoor ik naar Sniester ga.

 

Een randje meepikken van The Glücks gebeurt nog in De Zwarte Ruiter, waar de tent al vroeg op de avond ontploft. Wat wil je ook met dit door God verlaten duo, dat zijn verse album Run Amok eens in al zijn kleur komt presenteren. Tina en Alek geven zoals gebruikelijk alles wat ze in zich hebben. Was je ergens anders nog niet flauwgevallen door het warme weer, dan val je het hier wel.

 

Terwijl ik in het deftige en sfeervolle Koorenhuis nog wat notities zit uit te schrijven, wordt mij het hemd van mijn lijf gevraagd door twee dames van een generatie voor mij. We spreken door wat we allemaal gezien hebben en waar zij hebben besloten om naar Di-rect te gaan, zit ik nog in dubio tussen twee andere acts. In mijn ooghoek zie ik ondertussen een bekende op de tafel aflopen, met de mededeling dat ik echt eens dat Alligator zou moeten checken. “Beetje garage, veel energie en het is hier aan de overkant”, wordt mij toegefluisterd. Ik ben de moeilijkste niet, trommel mijn festivalgroepje op en we steken de straat over.

Foto’s: Tineke Klamer

 

Ik moet eerst nog even een fouilleer-actie ondergaan in Club Seven, maar ik word goedgekeurd om in alle glorie de zaal te mogen betreden en zie een dampende crowd staan springen op de puntige Britpop die de band maakt. Lekker cocky, met langgerekte gitaarnoten, typische Gallagher-zanglijntjes en een geblondeerde gitarist die op Justin Bieber lijkt. Ik vraag aan mijn gezelschap of mij zoiets ook zou staan, maar er is geen tijd. De vloer draagt zuchtend en krakend de hossende feestmenigte en er moet bier gehaald worden. Het is allemaal lekker old skool, niet per se vernieuwend, maar de band heeft wel een lekkere energie en zo’n opgeschoten zanger die lekker staat te blèren, zijn shirt uittrekt en aan het einde van de show zijn microfoon omdondert en van het podium afstormt na de mededeling dat ‘ie zo’n goede tijd heeft gehad in Den Haag. Lekker, man.

 

Dan moeten er toch nog harde keuzes worden gemaakt, want het is FATA BOOM of The Mauskovic Dance Band op dit tijdstip. Je kunt het allebei pakken, maar ik moet zeggen dat ik daar een beetje van teruggekomen ben de laatste jaren. Al dat gesprint en dat gevlieg om overal een kwartier muziek mee te pakken: ik ben ermee gekapt. Uiteindelijk zie je zoveel dat je aan het eind van de avond toch geen idee meer hebt waar je nou precies geweest bent.

Afijn, ik glij door de Haagse straten richting de Beergarden, we laten ons nog eens vollopen met niveaubier en glippen om het hoekje de kelder in waar FATA BOOM een soort workout met het publiek aan het doen is op nummers als D.D.D. (Drop Down Deep). Als een toeterende, volgeladen trein dendert het trio over het Haagse publiek heen. Geen moment om na te denken: dansen en feesten

 

De avond gaat nog door een afvoerputje met de lekkere punky viezigheden van Tusky en daarmee is een avondje Sniester helemaal compleet. Zoveel te zien, zoveel te beleven. Sniester is een soort kermis voor muziekliefhebbers vol kleurtjes, lichtjes, geluiden plus veel eten en drinken. Het leven is goed op Sniester!