Tweeduizendachttien loopt bijna ten einde en daarom zetten we bij The Daily Indie een vorig jaar gestarte traditie graag voort. Middels een serie eindejaarsfeatures kijken onze redacteurs terug op wat hen in 2018 opviel in de muziek, de invloed die dat had op de rest van de wereld, en omgekeerd. Met de laatste tientallen, compleet voorspelbare deuntjes van de Top 2000 op de achtergrond, gaan we zitten voor een jaaroverzicht van ons eigen platform.

Tekst Robin van Essel

Zo, dat was 2018. Om maar met een dooddoener te beginnen: wat een muziekjaar was het weer. We betreurden het heengaan van muzikanten, zowel Grote Namen als relatief obscure en zowel op respectabele als veel te jonge leeftijd, en die we hier onmogelijk allemaal kunnen noemen. Een greep: Mark E. Smith (lees hier onze in memoriam terug), Dolores O’Riordan (Cranberries), Avicii, Jóhann Jóhannsson, Aretha Franklin, John ‘Jabo’ Starks (drummer van James Brown), Scott Hutchison, Koos Alberts, Dale Barclay (The Amazing Snakeheads), Richard Swift, Conway Savage (The Bad Seeds), Charles Aznavour, Tony Joe White en onlangs nog Pete Shelley (Buzzcocks).


976 berichten
We lieten je afgelopen jaar kennismaken met zo veel mogelijk nieuwe muziek die meer aandacht verdient. Dat deden we met 976 berichten op onze website, waarvan vijfhonderd posts over nieuwe muziek, 108 interviews en 91 features, maar ook met 67 radio-uitzendingen en podcasts en 49 The Daily Indie Presents-liveshows. We waren aanwezig op tientallen festivals, we kregen een eigen podium tijdens de Popronde en lieten een waanzinnig toffe lijn T-shirts ontwerpen.

Maar uiteraard probeerden we ook verhalen te vertellen die, hopelijk, interessant zijn voor iedereen met bovengemiddelde interesse in muziek. Er viel namelijk genoeg te zeggen. De al eerder ingezette ontwikkeling naar een steeds diverser wordend poplandschap zette zich voort, iets dat dit jaar beter dan ooit te zien was in onze jaarlijst van beste albums. Maar het is nooit te laat om nieuwe muziek te ontdekken. Precies de reden waarom we afgelopen week nog in het teken zetten van onze ‘Op de valreep’-serie, bij The Daily Indie inmiddels net zo’n traditie als de jaarlijstjes zelf en iets waar we erg trots op zijn.

Gitaren
Hand in eigen boezem: we hebben het ook wel eens verkeerd. Zo riepen we regelmatig dat muzikale innovatie anno 2018 niet meer bij gitaarbands te vinden is en gingen op ESNS vorig jaar zelfs tevergeefs op zoek naar de hoop in bange gitaardagen. En dan komen de jaarlijsten en zetten we rustig de hoge regionen vol met oude en nieuwe gitaarfavorieten: Parquet Courts, IDLES (we verkozen Danny Nedelko zelfs tot beste song van het jaar), Shame, Rolling Blackouts Coastal Fever en Car Seat Headrest.


Vooral kenmerkend vinden we de plotselinge populariteit van ‘boze post-Brexit-bands’ zoals IDLES en Shame: blijkbaar hebben we ook aan deze kant van de Noordzee behoefte aan een muziek die tegengewicht biedt aan de steeds verder polariserende en populistischere wind in de samenleving. Op zich niet verwonderlijk, aangezien deze ontwikkeling overal gaande lijkt. Of het nu de Brexit is, Charlottesville, les gilets jaunes die hun weg vinden van Parijs deze kant op, of die poor excuses for human beings die zich bij de zwarte piet-demonstraties in Eindhoven ‘van hun beste kant’ lieten zien: politiek lijkt ons steeds vaker te polariseren en, extremer, aan te zetten om op de barricades te klimmen en tot actie over te gaan. Het is goed dat de muziekwereld daar steeds vaker een standpunt over inneemt, zoals de bovenstaande bands, of er gewoon op een slimme manier op reflecteert, zoals De Staat deed in de video voor KITTY KITTY, en waarover redacteur Ada pas nog een mooie analyse schreef.

Gitaren zat dus, en niet alleen in de UK. Ook in eigen land, bijvoorbeeld tijdens afgelopen Popronde, waar ‘klassieke’ gitaarbands als Yip Roc, The Tambles, Anemone, Van Common en Tape Toy steevast tot de best geboekte behoorden. Sowieso horen we tegenwoordig steeds vaker een grungier geluid bij de nieuwe generatie gitaarbands uit eigen land – het is allemaal net iets meer poppy en hifi, maar ook vaak harder, dan de vloedgolf garagebands die we afgelopen jaren voorbij zagen komen. Zie bijvoorbeeld ook het frissere geluid van de doorstart van een aantal van die bands, zoals Maple (eerder Orange Maplewood), Dripping Trees (voorheen Mexican Surf) en Gramma (voorheen Lookapony). Voorspelling: we hebben afgelopen jaren de sixties-garage voorbij zien komen, de seventies-psych en de eighties-synthesizers; 2019 wordt het jaar van de postgrunge-sound.


Diversiteit
Maar vlak de rest van de genres niet uit. Zoals we al zeiden: popmuziek wordt steeds diverser en daarmee ook voor platformen als het onze steeds meer credible – iets wat we vorig jaar in deze zelfde wrap-up al concludeerden. Die ontwikkeling zette zich dit jaar door, waarbij niet alleen popcoryfee Robyn een plaat maakte die alom werd gewaardeerd door ‘serieuze’ muziekliefhebbers, maar het zomaar kon gebeuren dat de voormalige enfant terribles van de indie hitproducer Brian ‘Danger Mouse’ Burton in de arm namen en met Wide Awake! hun meest poppy en funky plaat ooit maakten. En dat niet alleen: Parquet Courts veroverde er de nummer een in onze albumlijst mee. Verder in 2019 in onze jaarlijstjes: waanzinnige hiphop- en neosoul-platen van Noname, Kali Uchis en in eigen land van Rimon, jazz van Sons Of Kemet (lees hier onze feature over Shabaka Hutchings die we voor Le Guess Who? maakten terug) en Kamasi Washington (zie deze uitgebreide feature), de EBM-hype van bijvoorbeeld Job Sifre, en pure elektronica van Jon Hopkins (lees hier het interview met hem terug), Nicolas Jaar-alter ego Against All Logic en George FitzGerald (interview).

En wat te denken van ‘die andere’ diversiteit? Serieuzere onderwerpen, zoals etniciteit, gender en seksualiteit drukken ook hun stempel op de muziek en zijn natuurlijk, en gelukkig, niet aan een bepaald jaar voorbehouden. Ook 2018 was op dat vlak een bewogen jaar, maar zoals de tijd voorsluipt, is elke ontwikkeling ook weer een reactie op het voorgaande en dat brengt ook vaak iets moois. Zoiets zag redacteur Joëlle gebeuren, toen na de #MeToo-beweging van vorig jaar er dit jaar een hoop muziek verscheen die seksualiteit juist vierde.

Ook steeds vaker te zien: hoe de ‘traditionele’ functie van muziek wordt uitgedaagd en het hele concept van de band en zijn werk een kunstproject op zich wordt. Ook dat zagen we al eind vorig jaar, toen King Gizzard and the Lizard Wizard het idee van ‘een album’ uitdaagde door een megalomaan kunstproject van vijf albums met overlappende concepten en verhaallijnen. Dit jaar zagen we een band als Superorganism, een band die muzikaal wellicht niet grensverleggend is, maar door zijn conceptuele vorm en surrealistische gebruik van theater-elementen in zijn liveshow je aan het denken zet over wat muziek nou precies hoort te zijn (lees hier ook de albumreview en een interview met de band van dit jaar). Het is alleen maar ontzettend mooi dat al deze diversiteit anno 2018 in toenemende mate een publiek weet te vinden.


Filterbubbels en aandachtsvacuüms
De andere zijde van de medaille is dat het gevecht om aandacht van het publiek ervoor zorgt dat de deugd een nood wordt. Het is fantastisch dat Soundcloud een doorbraak kan forceren voor rappers als Lil Pump and 6ix9ine. Maar die rappers zijn hetzelfde bewijs dat artiesten anno 2018 niet zelden gewoon veranderen in menselijke clickfarms. Gooi alles wat een beetje spraakmakend is op Instagram, Tumblr en Snapchat en laat media als hijgerige paparazzi alle aandacht schenken aan een klein groepje bekende artiesten. Zo ontstaat er een aandachtsvacuüm waarbij andere muzikanten, die vaak meer talent hebben maar minder social media savvy zijn, worden vergeten.

We proberen bij TDI zo weinig mogelijk mee te doen met het achterna rennen van hypes, maar soms worden we ons ook pijnlijk bewust van de bubbel waar we zelf in zitten: toen bekend werd dat Josylvio de meest gestreamde Nederlandse artiest op YouTube was, moesten we hier op de redactie bekennen dat we nog nooit van de beste man gehoord hadden. De vraag is natuurlijk in hoeverre dat een kwaliteitskeurmerk is, maar een naar binnen gekeerde blik is nooit goed om zaken in een context te plaatsen. Gelukkig prikt de muziekjournalistiek de bubbel ook nog wel eens gedecimeerd door: begin dit jaar was, dankzij waanzinnig werk van De Volkskrant, ‘Dotan-gate‘ een veelgehoord woord in de scene. De vraag rijst in hoeverre likes, volgers en views in de indiescene een maatstaf voor succes zijn, en in hoeverre dat invloed heeft op boekingen voor clubshows en festivals. En, belangrijkere vraag: in hoeverre muzikanten erop inspelen. Naast de Dotan-gate kennen we allemaal de verhalen over clickfarms en het kopen van online volgers. Is dat een ding bij de muziek waar wij over schrijven?

Parquet Courts doet nog steeds niet aan social media, dat weten we, net als de Rotterdammers van Lewsberg die we eerder dit jaar nog interviewden. Aan de andere kant zien we ook dat bands, vooral in een land als Nederland, steeds minder vaak een goed plan lijken te hebben en allemaal hetzelfde traject doorlopen voor snelle populariteit: een paar songs op Spotify, actief zijn op Instagram, meedoen aan Popronde, hopelijk Noorderslag en links en rechts wat festivalshows. Dat is geen goed pad naar een duurzame carrière: Nederland is een klein land en snel verzadigd. We spraken daar onlangs uitgebreid over met Amber Arcades, maar ook in interviews met The Hazzah en Pip Blom kwam het aan de orde.

Social media lijken overigens dan wel een katalysator voor dit proces, maar die concentratie van aandacht en geld bij een relatief select groepje artiesten is natuurlijk niks nieuws. Maar hoe dat carrières kapot kan maken en wel degelijk invloed heeft op wat wij te horen krijgen en live kunnen zien, werd zelden zo vlijmscherp verwoord als door Jonathan Wilson, in het interview dat redacteur Daan afgelopen zomer had met hem. Not sugar coating it mag een understatement genoemd worden.

Het werd, meer dan terecht, het meest gelezen artikel van The Daily Indie dit jaar.


En dan nog even dit…
Alle bovenstaande vragen en issues probeerden we in 2018 bespreekbaar te maken, in een context te plaatsen en idealiter te beantwoorden. Goede verhalen over goede muziek die te onderbelicht blijft, is wat we ook in 2019 zullen blijven doen. Helaas gaat dat niet altijd zo maar. Ons platform is gratis en dat blijft zo, maar als je het vet vindt wat The Daily Indie doet, willen we om een klein beetje hulp vragen.

Als je lid wordt van The Daily Indie voor een schamele tien euro per jaar, help je niet alleen ons om goede verhalen over de indiescene te blijven maken. Je profiteert ook nog eens van ontzettend veel voordelen: je kan gratis naar onze The Daily Indie Presents-shows door heel het land en je krijgt korting op tickets voor tientallen andere gigs en festivals bij onze muzikale partners. Via onze ledennieuwsbrief informeren we je bovendien over alle andere exclusieve ledenacties voor concert- en festivaltickets, unieke releases, T-shirts en vinyl.

Check deze pagina voor meer info over het lidmaatschap. Meteen een leuke actie? Koop ons fraaie limited edition ‘Silver Surfer’ T-shirt voor €25 en krijg er direct een jaarlidmaatschap bij.

Voor nu, goede jaarwisseling en tot volgend jaar, namens iedereen bij TDI!